Archief oktober, 2017

Reacties uitgeschakeld voor Waalse gemeenten vechten ongelijkheid aan tussen private en publieke sector

Waalse gemeenten vechten ongelijkheid aan tussen private en publieke sector

Door | 26 oktober 2017 | Nieuws

Bron: Het Nieuwsblad, 26/10/2017

Waalse gemeenten vechten taxshift aan bij Grondwettelijk Hof

De Waalse vereniging van steden en gemeenten (UVCM) is in september 2016 naar het Grondwettelijk Hof gestapt om bepaalde onderdelen van de taxshift van de federale regering nietig te laten verklaren. Dat schrijven La Libre Belgique en La Dernière Heure.

De vereniging viseert niet de maatregelen die koopkracht van werknemers verhogen, maar klaagt wel de “ongelijkheid” tussen de private en publieke bedrijven binnen dezelfde sectoren aan.

De UVCM klaagt aan dat de lokale besturen niet de vruchten kunnen plukken van de maatregelen uit de taxshift die de werkgeversbijdragen verminderen. “Er is een ongelijkheid tussen de private en publieke sector in de domeinen waar ze elkaar beconcurreren, zoals de thuiszorg en rusthuizen”, zegt Marc Barvais, voorzitter van het OCMW van Bergen. Volgens UVCM bestaat het risico dat de publieke sector daardoor tot 40 miljoen euro per jaar zou mislopen.

Het doel van het beroep bij het Grondwettelijk Hof is niet de vernietiging van de taxshift, maar wel het verkrijgen van een “compensatie voor de publieke sector”, luidt het. Er lopen al anderhalf jaar onderhandelingen met het kabinet van minister van Werk Kris Peeters (CD&V), die voorlopig weinig succesvol zijn.

Reacties uitgeschakeld voor Pensioen van statutairen vermindert vanaf 01/01/2017

Pensioen van statutairen vermindert vanaf 01/01/2017

Door | 26 oktober 2017 | Nieuws

Kloof tussen statutairen en contractuelen wordt kleiner

Ambtenaren in steden, gemeenten en provincies die binnenkort vastbenoemd worden, krijgen binnenkort enkel nog een ambtenarenpensioen voor hun jaren als vastbenoemde. Contractuelen hebben wel zicht op een hoger pensioen.

Wie na 1 december 2017 benoemd wordt als statutaire ambtenaar, zal niet meer van hetzelfde gunstige pensioenregime genieten als zijn voorgangers. Zij krijgen enkel nog een ambtenarenpensioen voor de jaren dat ze effectief vastbenoemd waren, en niet voor de jaren dat ze werkten als contractueel. Dat staat in het wetsontwerp dat minister van Pensioenen Daniel Bacquelaine (MR) vandaag in de Kamercommissie Sociale Zaken voorstelt. De bedoeling: zorgen dat de gemeenten niet bezwijken onder het aantal ambtenarenpensioenen dat ze moeten uitbetalen.

“Deze hervorming vragen de gemeenten al heel lang”, zegt Bacquelaine. In 2012 moest het Pensioenfonds – gefinancierd door bijdragen van de gemeenten – zo’n 1,8 miljard euro ophoesten om de pensioenen van de lokale en provinciale (statutaire) administratie te betalen. Dat zou in 2021 oplopen tot 3,1 miljard, voorspelde men drie jaar geleden.

 

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Sociaal beleid blijft bevoegdheid van het OCMW

Sociaal beleid blijft bevoegdheid van het OCMW

Door | 20 oktober 2017 | Nieuws

Bron: Raad van State, 9/10/2017

Bevoegdheid gemeentelijk sociaal beleid blijft bij het OCMW

Uit het ontwerp kan ook niet worden afgeleid dat de bevoegdheid over het gemeentelijk sociaal beleid wordt onttrokken aan de OCMW‟s. In artikel 77, tweede lid, van het ontwerp wordt dienaangaande uitdrukkelijk bepaald dat de OCMW-raad het beleid van het OCMW bepaalt. Dat wordt niet tegengesproken door het gegeven dat de leden van die raad tevens lid zijn van de gemeenteraad, vermits niet kan worden uitgesloten dat beide organen over bepaalde aangelegenheden tot verschillende zienswijzen komen. De stellers van het ontwerp houden overigens uitdrukkelijk rekening met die mogelijkheid door in een regeling te voorzien voor het geval dat de gemeenteraad en de OCMW-raad geen consensus kunnen bereiken over het vaststellen van het beleidsrapport (artikel 249, § 3, derde lid).23

Bijzonder comité voor de sociale dienst beslist over de individuele steun

Daarbij komt nog dat een belangrijk onderdeel van het gemeentelijk sociaal beleid, namelijk de beslissingen over de toekenning van individuele steun op het vlak van de maatschappelijke dienstverlening en de maatschappelijke integratie, tot de bevoegdheid behoort van het bijzonder comité voor de sociale dienst (artikel113), orgaan waarvan de samenstelling niet samenvalt met die van een gemeentelijk orgaan en waarvan de leden – zoals hiervoor reeds werd uiteengezet – met uitzondering van de voorzitter niet noodzakelijkerwijs gemeentelijk mandataris moeten zijn.

Het ontwerp regelt, wat de voormelde aangelegenheden betreft, derhalve niet de band tussen de gemeente en het OCMW, leidt er niet toe dat “de bevoegdheid over het gemeentelijk sociaal beleid” wordt onttrokken aan de OCMW‟s en voorziet niet in een regeling waarbij “alle opdrachten die thans aan de centra zijn toegewezen, in hun geheel” worden overgedragen “aan een andere overheidsinstantie dan die centra, te weten de gemeenten zelf”.

Raad van State : meerjarenplanning sociaal  beleid (met inbegrip van financiële) is bevoegdheid van het OCMW

Doordat de gemeenteraad  in het ontwerp decreet lokaal bestuur het laatste woord heeft over de gezamenlijke meerjarenplanning van de gemeente en het OCMW, pleegt de gemeenteraad een volgens de Raad van State onverantwoorde inmenging in het OCMW-beleid. Hiermee overschrijdt Vlaanderen wel zijn bevoegdheid. Ook de financieringsregels voor OCMW’s (afschaf- fen van de mogelijkheid dat een deel van het Gemeentefonds rechtstreeks naar OCMW’s gaat, schrappen van de verplichting dat gemeenten de OCMW’s moeten financieren) zijn niet conform de bevoegdheidsverdeling.

Léés ook: OCMW behoudt het eigen personeel

Vacatures bij het OCMW

Reacties uitgeschakeld voor OCMW behoudt het eigen personeel

OCMW behoudt het eigen personeel

Door | 20 oktober 2017 | Nieuws

Raad Van State, 9/10/2017

Het OCMW behoudt tevens eigen personeel.

Maatschappelijk werker blijft bij het OCMW 

Zo is er in elk OCMW ten minste een maatschappelijk werker die personeelslid is van dat OCMW (artikel 183, § 1, eerste lid) en die als opdracht heeft “de personen en gezinnen te helpen bij het opheffen of verbeteren van de noodsituaties waarin zij zich bevinden” (artikel 183, § 2).21

Personeel van de verzorgende, verplegende en dienstverlenende instellingen en diensten van het OCMW blijven bij het OCMW

Daarnaast wordt in artikel 186, § 2, van het ontwerp gewag gemaakt van het personeel dat een betrekking bekleedt die niet bestaat in de gemeente die het OCMW bedient (1°) en van het personeel van de verzorgende, verplegende en dienstverlenende instellingen en diensten van het OCMW (3°), waarvan de rechtspositieregeling door de OCMW-raad wordt vastgesteld.

De algemeen directeur van de gemeente leidt het OCMW-personeel onder gezag van het OCMW !

Weliswaar staat de algemeen directeur, die een personeelslid is van de gemeente, aan het hoofd van het personeel van het OCMW, maar hij rapporteert voor aangelegenheden die tot de bevoegdheid van het OCMW behoren, aan het vast bureau en aan het bijzonder comité voor de sociale dienst (artikel 172, tweede en derde lid) en gedraagt zich naar de onderrichtingen die hem worden gegeven door de OCMW-raad of diens voorzitter, het vast bureau of de voorzitter ervan, en het bijzonder comité voor de sociale dienst of dienst voorzitter, al naargelang hun respectieve bevoegdheden (artikel 171, § 1, eerste lid).

Lees ook: sociaal beleid blijft bij het OCMW

Vacatures bij het OCMW

Reacties uitgeschakeld voor OCMW blijft wel degelijk bestaan als rechtspersoon

OCMW blijft wel degelijk bestaan als rechtspersoon

Door | 20 oktober 2017 | Nieuws

Bron: Raad van State, 9/10/2017

Wie dacht dat de OCMW’s ophouden te bestaan, heeft het aan verkeerde eind. Het wordt er alvast niet eenvoudiger op.

 

DE BEVOEGDHEDEN VAN HET OCMW WORDEN NIET OVERGEDRAGEN

Het om advies voorgelegde ontwerp van decreet voorziet evenmin in een bevoegdheidsoverdracht van de OCMW‟s naar de gemeenten. In artikel 2, § 3, van het ontwerp wordt uitdrukkelijk bepaald dat de OCMW‟s de opdrachten uitoefenen vermeld in de artikelen 1 en 57 van de organieke wet van 8 juli 1976, alsook “de andere aangelegenheden die hen door of krachtens een wet of een decreet worden opgelegd”. Het is de OCMW-raad – niet de gemeenteraad – die over de bevoegdheid beschikt voor de aangelegenheden die aan het OCMW bij of krachtens de wet of het decreet zijn toevertrouwd en die het beleid van het OCMW bepaalt.13 Nergens in het ontwerp blijkt dat de bevoegdheden van het OCMW aan de gemeente kunnen worden overdragen.

DE OCMW-RAAD  EN HET VAST BUREAU BLIJFT BEHOUDEN

De OCMW‟s behouden bovendien hun eigen organen. Ook al bestaat de OCMW-raad in beginsel uit dezelfde leden als de gemeenteraad, dat neemt niet weg dat de OCMW-raad een van de gemeenteraad onderscheiden orgaan is. Zo zijn de vergaderingen van de OCMW-raad onderscheiden van die van de gemeenteraad en wordt voor elk van die vergaderingen een eigen agenda opgemaakt.18 De gemeenteraad en de OCMW-raad hebben ook een eigen huishoudelijk reglement. Hetzelfde geldt voor het vast bureau.

HET OCMW KRIJGT EEN NIEUW ORGAAN ERBIJ

Daar komt nog bij dat, naast de OCMW-raad en het vast bureau, wordt voorzien in een nieuw orgaan, het bijzonder comité voor de sociale dienst, waarvan de samenstelling niet samenvalt met een gemeentelijk orgaan. Met uitzondering van de voorzitter, die wordt verkozen hetzij onder de leden van het vast bureau, hetzij onder de leden van de OCMW-raad (artikel 90, § 1, eerste lid), die tevens leden zijn van, respectievelijk, het college van burgemeester en schepenen en van de gemeenteraad, is niet vereist dat de leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst gemeentelijk mandataris zijn.20 En ook al wordt de zetelverdeling binnen het bijzonder comité voor de sociale dienst bepaald naar verhouding van het aantal zetels waarover elke lijst binnen de OCMW-raad beschikt (artikel 91, § 1), toch zal binnen het bijzonder comité voor de sociale dienst de verhouding tussen het aantal zetels niet noodzakelijkerwijs volledig overeenstemmen met die in de OCMW-raad, vermits het bijzonder comité voor de sociale dienst uit een kleiner aantal leden bestaat dan de OCMW-raad (zie artikel 87, § 1, eerste lid), en de verkozenen van de lijsten kunnen verklaren dat zij zich (lees: hun lijsten) met elkaar wensen te verbinden (artikel 91, § 1).

Lees ook: sociaal beleid blijft bij het OCMW

Léés ook: OCMW behoudt het eigen personeel

Reacties uitgeschakeld voor Lage inkomens nergens meer belast dan in België

Lage inkomens nergens meer belast dan in België

Door | 15 oktober 2017 | Nieuws

Bron: De Tijd, 12/10/2017

 

De federale regering wil met de taxshift de zeer hoge belastingdruk op lage inkomens verminderen

België scoort veel slechter dan alle andere landen van de EU. In Denemarken, het nummer twee, bedraagt de marginale belastingdruk voor de 25 procent laagste inkomens slechts 40 procent. In de EU is het gemiddelde amper 28 procent. De belastingdruk voor lage inkomens is in ons land bijna dubbel zo hoog als het Europees gemiddelde.

Ook andere instellingen merkten al op dat de lasten op arbeid in België hoog zijn. Maar de IMF-cijfers onderstrepen dat de kloof met andere landen enorm groot is voor lage inkomens.

De belastingdruk is zeer hoog, omdat de personenbelasting snel stijgt naarmate het inkomen toeneemt. De marginale aanslagvoet bedraagt al 45 procent vanaf een belastbaar jaarinkomen van zowat 21.000 euro. Boven op de personenbelasting komen nog sociale bijdragen. Het gevolg is dat sommige werklozen er netto weinig op vooruitgaan als ze een baan vinden.

‘We hebben de enorme belastingdruk op de lage lonen en de hoge marginale belastingdruk geërfd’, zegt het kabinet van minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA). ‘De taxshift is een middel om daar iets aan te doen.’

De taxshift heeft vooral in 2016 de belastingdruk op arbeid verminderd. In 2018 en 2019 volgen opnieuw belangrijke lastenverlagingen. De cijfers van het IMF hebben betrekking op 2015.

De federale overheidsdienst Financiën merkt op dat de taxshift vooral de lasten op lage lonen doet dalen. De belastingdruk op het minimumloon zakt in de periode 2014-2021 met bijna 10 procentpunten. De belastingen op het gemiddelde loon dalen met bijna 3 procentpunten en die op hoge lonen met ruim 1 procentpunt. Maar zelfs mét de taxshift blijven we lage lonen zwaar belasten. Financiën meent dat de taxshift werklozen meer zal aanmoedigen om een baan te zoeken.

Reacties uitgeschakeld voor Vlaanderen: Europese regio met goed bestuur.

Vlaanderen: Europese regio met goed bestuur.

Door | 12 oktober 2017 | Nieuws

 Bron: De Tijd, 10/10/2017

Vlaanderen behoort tot de Europese regio’s met goed bestuur. Brussel en Wallonië daarentegen presteren minder goed dan het Europees gemiddelde. In delen van Roemenië, Bulgarije en Italië kan je geen beroep doen op de politie of een afspraak krijgen voor een operatie of doktersbezoek zonder een smak geld op tafel te leggen.

Dat blijkt uit de kwaliteitsindex inzake goed bestuur 2017, die is opgenomen in het jongste rapport van de Europese Commissie over economische, sociale en territoriale cohesie. De index, opgesteld door de universiteit van Göteborg, meet de kwaliteit van openbare diensten zoals politie, onderwijs en gezondheidszorg.

 © MEDIAFIN© MEDIAFIN

De onderzoekers vergeleken aan de hand van steekproeven hoe de bevolking in de Europese regio’s de toegang tot politie, onderwijs en gezondheidszorg evalueert. Ze bekeken ook of die overheidsdiensten neutraal werken zonder voorkeursbehandelingen voor bepaalde groepen mensen en of er sprake is van corruptie.

Onveranderd

In 2010 en in 2013 deden de Zweedse onderzoekers deze oefening ook al. De Belgische breuk is onveranderd gebleven, stellen de Europese experts.

Het cohesierapport ziet de sociale en economische verschillen tussen de Europese regio’s lichtjes verminderen. De rijkste regio’s groeien wel een pak sneller dan de minder ontwikkelde. Er blijven ook nog grote verschillen in werkloosheid tussen regio’s.

De kwaliteit van openbare diensten en de efficiëntie van de overheid kunnen bepalend zijn voor de economische ontwikkeling. Corruptie bijvoorbeeld doet het effect van investeringen, ook die met EU-geld, deels teniet. Het rapport snijdt ook het probleem aan van de dalende bevolking. In 2015 waren er voor het eerst meer overlijdens dan geboortes in Europa. Bevolkingsaangroei moet dus komen van migratie of verhuis binnen de EU.

Vooral in de grote steden, zoals Brussel, leidt dat tot een gespleten beeld. Het bbp per inwoner is behoorlijk groot en de hoofdstad lokt veel hoogopgeleiden. Tegelijk is er een grote concentratie van armoede en werkloosheid. België heeft de laagste tewerkstellingsgraad van inwoners geboren buiten de Europese Unie, zo blijkt uit het cohesierapport. Vrouwen geboren buiten de EU werken in Brussel nauwelijks.

Reacties uitgeschakeld voor ‘We moeten onze politieagenten kunnen vertrouwen. ‘

‘We moeten onze politieagenten kunnen vertrouwen. ‘

Door | 8 oktober 2017 | Nieuws

Diverse bronnen:

Bron: De Standaard, 7/10/2017

Interne controle

door het politiekorps over het gebruik van politiedatabanken, de toegang die politieagenten hebben en het respecteren van de privacy van onschuldige burgers moeten versterkt worden. Dat zegt staatssecretaris voor Bestrijding van de sociale fraude, Privacy en Noordzee Philippe De Backer zaterdag in een reactie op het nieuws dat agenten van de lokale politie Antwerpen vertrouwelijke identiteitsgegevens van burgers zouden hebben gestolen om te kunnen gokken.

‘Het hoeft geen twijfel dat wanneer hun schuld bewezen zou zijn, deze agenten streng gestraft moeten worden’, zegt De Backer. ‘We moeten onze politieagenten kunnen vertrouwen. Ze krijgen van de samenleving bijzondere macht om onze rechten te beschermen. Wanneer ze die bijzondere macht misbruiken, wankelt het geloof en vertrouwen in de politie en de hele rechtsstaat bij uitbreiding. Dit is nefast voor de duizenden politiemensen die hun job correct en met overgave uitvoeren.’

De Backer vindt ook dat de lokale politie meer verantwoordelijkheid moet opnemen: ‘Elk politiekorps moet zich afvragen hoe ze de interne toegang tot de politiedatabank regelt, hoe ze opzoekingen registreert en hoe ze oneigenlijk gebruik van de databank actief opspoort. Sensibilisering is niet genoeg, want de richtlijn gegevensbescherming voor politie en justitie verplicht elk korps een sluitend privacybeleid te hebben.’

Net zoals bedrijven zal ook de politie verplicht worden om een Data Protection Officer aan te stellen die intern moet waken over het gebruik van persoonsgegevens. Daarbovenop zal ook de externe controle versterkt worden. Het controleorgaan van het politionele informatiebeheer (COC) zal daarvoor (sanctie)bevoegdheden krijgen.

‘Het controleorgaan zal zelf audits kunnen uitvoeren om na te kijken hoe er in de politie wordt omgegaan met persoonsgegevens en zal beoordelen of dat dit beantwoordt aan de nieuwe privacystandaarden. Daarnaast zal het controleorgaan net zoals de privacycommissie ook tanden krijgen om te bijten wanneer nodig. We maken dus geen onderscheid tussen bedrijven of overheidsinstellingen. De wet is de wet en die geldt voor iedereen, ook – of beter zeker – voor de politie’, aldus nog De Backer.

Dat het alweer de Antwerpse politie is, is pijnlijk. Zeker in een stad waar respect voor de politie meer dan ooit nodig is.

Reacties uitgeschakeld voor Politieagenten gokken tijdens de werkuren

Politieagenten gokken tijdens de werkuren

Door | 8 oktober 2017 | Nieuws

Bron: De Standaard, 07/10/2017

De Kansspelcommissie is een onderzoek begonnen naar zo’n dertig agenten van de Antwerpse politie, omdat die tijdens hun werkuren actief zouden geweest zijn op gokwebsites. Dat is verboden.

Het gokschandaal bij de Antwerpse politie kwam aan het licht in de nasleep van het onderzoek naar een groep politieagenten uit afdeling City die verdacht worden van geweldpleging, diefstal en afpersing tegen illegalen in Antwerpen-Noord en Borgerhout.

Een van de betrokken politieagenten, die het korps inmiddels heeft verlaten, bleek geregeld betalingen te doen aan online casino’s. Dat riep vragen op, omdat politiemensen geen toegang mogen krijgen tot dergelijke gokwebsites.

‘De erkende casino’s en kansspelinrichtingen werken met een lijst van personen die uitgesloten worden van deelname aan kansspelen’, zegt Marjolein De Paepe van de Kansspelcommissie. ‘Een aantal beroepsgroepen komt automatisch op de lijst, omdat ze niet in casino’s mogen komen of omdat ze niet mogen deelnemen aan online weddenschappen of kansspelen. Het gaat om notarissen, gerechtsdeurwaarders, magistraten en politiemensen.’

Uit het onderzoek bleek bovendien dat de politieman tijdens de werkuren via het computernetwerk van de Antwerpse politie naar gokwebsites had gesurft. Hij zou zich op gokwebsites hebben geregistreerd onder een andere naam. Hij zou daarvoor gebruikgemaakt hebben van de rijksregisternummers van burgers, die hij opzocht in de politiedatabank.

Geen alleenstaand feit

De korpsleiding van de Antwerpse politie ­besloot om de zaak te melden aan de Kansspelcommissie, die een onderzoek begon. Daarbij kwam aan het licht dat de politieman niet de enige was die tijdens de werkuren naar gokwebsites surfte. Er bleken vanop het politienetwerk tientallen accounts op gokwebsites te zijn aangemaakt.

Bij de Antwerpse politie bevestigt men dat er aanwijzingen zijn dat enkele ‘tientallen agenten’ vanaf het politienetwerk online gokwebsites hebben bezocht. ‘We nemen dit zeer ernstig’, zegt politiewoordvoerder Sven Lommaert. ‘In afwachting van de resultaten van het onderzoek van de Kansspelcommissie zullen we een interne integriteitscampagne rond gokken opstarten.’

De Antwerpse burgemeester Bart De Wever (N-VA) zegt dat hij als tuchtoverheid niet ­inhoudelijk kan ingaan op de affaire. Hij ­vertrouwt op het lopende onderzoek.

Reacties uitgeschakeld voor Vlamingen tevreden over lokale overheid

Vlamingen tevreden over lokale overheid

Door | 7 oktober 2017 | Nieuws

Bron: Persvoorstelling VRIND, 6/10/2017

In VRIND 2017 vindt men informatie over de algemene omgeving waarin de Vlaamse overheid optreedt en over de mate waarin de maatschappelijke doelstellingen en effecten die de Vlaamse overheid zich stelt, gerealiseerd worden. Dit wordt geïllustreerd aan de hand van circa 900 tabellen, grafieken en kaarten.

 

Enkele markante vaststellingen:

Sociaalmaatschappelijke ontwikkelingen:

  • De Vlaming geniet van een hoge levensstandaard, meer gezonde levensjaren en een hoge tevredenheid met de eigen levenssituatie. Toch blijven Vlamingen eerder pessimistisch naar de toekomst kijken.
  • Terrorisme en immigratie zijn volgens de Vlamingen de belangrijkste maatschappelijke problemen. In vergelijking met de doorsnee Europeaan ligt men minder wakker van problemen zoals werkloosheid, hun economische situatie en de levensstandaard. Dat Vlaanderen het op deze terreinen beter doet dan gemiddeld in Europa zal daar niet vreemd aan zijn.
  • De maatschappelijke participatie gaat er niet op achteruit. De helft van de Vlamingen is minstens actief lid in een vereniging, een vijfde doet vrijwilligerswerk en de helft springt wel eens in als mantelzorger. Daarnaast blijkt de culturele en sportparticipatie erop vooruit te gaan.
  • Deze participatie vertaalt zich niet in een intenser burgerschap. De politieke interesse ligt laag en in vergelijking met andere Europese landen wordt er veel minder over politiek gediscussieerd. Een derde van de bevolking wil meepraten over belangrijke maatschappelijke thema’s, de helft ziet dat niet zitten. De helft van de bevolking vindt referenda een goede zaak, een derde is voorstander van de afschaffing van de opkomstplicht, de helft zou deze behouden. Bij afschaffing zou driekwart nog gaan stemmen voor de gemeenteraad, tweederde voor het Vlaams en federaal Parlement en nog iets meer dan de helft voor de Europese verkiezingen. Hoe lager de scholing, hoe meer instemming met populistische en elitaire stellingen. Pluralistische stellingen worden door grote meerderheden onderschreven.
  • Vlaanderen behoort op heel wat terreinen zoals armoede, werkloosheid en opleiding tot de Europese top. Na Tsjechië heeft Vlaanderen het laagste armoederisicopercentage in Europa, de op drie na laagste werkloosheidsgraad, en een snellere daling van het aantal laaggeschoolden en stijging van het aantal hooggeschoolden. Er bestaan nog kloven tussen bevolkingsgroepen, maar het goede nieuws is dat deze kloven vernauwen: zo nemen de werkzaamheidskloven tussen mannen en vrouwen en jongeren en ouderen af.Voor laaggeschoolden en personen met een buitenlandse herkomst blijven er diverse maatschappelijke kloven bestaan.
  • De maatschappelijke positie van de vrouwen is op vele domeinen versterkt. Vrouwen zijn ondertussen hoger opgeleid dan mannen en de loonkloof is fors gedaald hoewel niet verdwenen. In Europa ligt hij gemiddeld wel dubbel zo hoog. Hij blijven ook nog verschillende vormen van seksesegregatie overeind zowel in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Zowel mannen als vrouwen zijn ondertussen meer te vinden voor een gelijke taakverdeling in het huishouden en bij de opvoeding van de kinderen. De maatschappelijke positie zowel van personen met een handicap als personen van buitenlandse herkomst gaat er niet op vooruit. Wel neemt de openheid en tolerantie ten opzichte van vreemdelingen toe.

Economische ontwikkelingen

  • Vlaanderen behoudt de jongste jaren zijn positie inzake welvaartscreatie (bbp) ten opzichte van de Europese landen, ten opzichte van de Europese innovatieve topregio’s neemt het een middenpositie in. Een topscore is er wel voor arbeidsproductiviteit maar niet voor de jobratio, die lager ligt dan het Europese gemiddelde.
  • Goed voor de economie is dat de loonkost per eenheidproduct blijft dalen en dit vooral in de industrie.
  • Er is weer meer geloof in zelfstandig ondernemerschap en het aantal ondernemingen neemt toe.
  • De uitvoer kende een lichte groei maar het aantal exporterende bedrijven groeit niet.
  • Met meer dan 50% innovatieve ondernemingen behoort Vlaanderen Europees tot de top.Op het vlak van innovatie blijven er grote uitdagingen. Een aandachtspunt is de daling van het aantal werkenden in innovatieve en kennisintensieve sectoren waar de positie verzwakt ten opzichte van de topregio’s.

Ruimtelijke en ecologische ontwikkelingen

  • We zien een stijgende dichtheid van het woongebied, geconcentreerd rond de steden en de Vlaamse rand.Door een verschuiving van woningen naar flats zien we dat de gemiddelde woonoppervlakte daalt. Positief is ook dat minstens de nieuwbouwwoningen energiezuiniger worden en beter geïsoleerd.
  • Op heel wat milieu-indicatoren wordt vooruitgang geboekt.  Er is een verbetering voor o.a. de verzurende emissies en de fijnstofconcentraties. De verbetering van de waterkwaliteit zet zich echter niet door.
  • Er is een ontkoppeling tussen energiegebruik en economische groei. Dit neemt niet weg dat vandaag het energiegebruik een kwart hoger ligt dan in 1990;
  • Het wagenpark en de afgelegde kilometers blijven stijgen met een toenemende filezwaarte, verliesuren en toenemend energiegebruik als gevolg. Daartegenover staat dat de negatieve impact van het transport (o.a. lawaai, vervuiling) is afgenomen.
  • 80 % van de verplaatsingen gebeurt met de wagen, dat iets lager dan gemiddeld in Europa.
  • De verkeersveiligheid gaat erop vooruit maar Vlaanderen scoort slecht in vergelijking met de topregio’s.

Burger en overheid

  • In de lente van 2016 ligt het vertrouwen in instellingen iets hoger dan de voorbije jaren. Een kwart van de Vlamingen heeft veel tot zeer veel vertrouwen in het Vlaams Parlement en de Vlaamse Regering, een kwart (helemaal) geen. De Vlaamse administratie scoort iets hoger. Er is in 2016 een opmerkelijke toename van het vertrouwen in het leger. In tegenstelling tot de tevredenheid met het beleid van de lokale en federale overheid, is de tevredenheid in de Vlaamse en Europese overheid de jongste jaren iets teruggevallen.
  • Dit neemt niet weg dat Vlamingen over het algemeen zeer tevreden zijn over de publieke voorzieningen die aan Vlaamse bevoegdheden kunnen gekoppeld worden. De scores lopen wel ver uit elkaar: hoog voor huisvuil, cultuur, gezondheid, sport, openbaar groen, sport en onderwijs. Minst tevreden blijft men over opvang en begeleiding van armen en vreemdelingen en over de staat van de wegen , iets- en voetpaden.
Reacties uitgeschakeld voor Omzendbrief vraagt omzichtigheid in besluitvorming en communicatie in de lokale besturen.

Omzendbrief vraagt omzichtigheid in besluitvorming en communicatie in de lokale besturen.

Door | 4 oktober 2017 | Nieuws

Omzendbrief Homans, 27/09/2017

Op 14 oktober 2018 hebben de verkiezingen plaats voor de vernieuwing van de gemeenteraden, de stadsdistrictsraden en de provincieraden.
De gemeenteraden, stadsdistrictsraden en provincieraden, zowel als de uitvoerende organen, behouden hun volle bevoegdheid tot aan hun vernieuwing na de verkiezingen, maar het is een algemene regel van behoorlijk bestuur dat zij in het jaar van de verkiezingen de nodige voorzichtigheid in acht nemen.
Daarom verzoek ik de lokale en provinciale overheden om in het jaar van de verkiezingen en tot aan de installatie van de nieuwe raden met de nodige omzichtigheid op te treden en in extremis geen beslissingen te nemen die het beleid van de nieuwe raden of de toekomstige ontwikkeling van de financiën nodeloos zouden verstoren.
Daarnaast verzoek ik de lokale en provinciale overheden met aandrang om inzake het gebruik van de gemeentelijke en provinciale informatiebladen of andere publicaties uitgaande van het bestuur, de nodige kiesheid aan de dag te leggen. Daartoe behoort ook de elektronisch beschikbaar gestelde informatie.

Deze informatiekanalen hebben tot doel de bevolking op een neutrale en objectieve wijze te informeren over de organisatie en de werking van de diensten en over de gemeentelijke of provinciale activiteiten. Het zijn officiële publicaties van de overheid en niet van een zittende meerderheid. Het gemeentelijk of provinciaal infoblad – of enige andere publicatie verspreid met financiële of andere middelen van de gemeente of provincie – mag dan ook niet politiek gekleurd zijn.
Een verstandig bestuur legt zichzelf ter zake uit eigen beweging strenge regels op. Een deontologisch correcte houding is bepalend voor het imago van het bestuur, zijn mandatarissen en voor de overheid in het algemeen.
In ieder geval is het niet mogelijk dat de leden van het college of van de deputatie in het jaar van de verkiezingen, en zelfs daarbuiten, langs die informatiekanalen op een systematische wijze hun verwezenlijkingen van de afgelopen bestuursperiode op een rijtje plaatsen. Dat lijkt mij geen onafhankelijke redactionele bijdrage. Bij officiële overheidsinformatie moet elke schijn van partijdigheid worden geweerd.
Ik verzoek de gouverneurs de datum van publicatie van deze omzendbrief in het Belgisch Staatsblad te vermelden in het bestuursmemoriaal.
Volledigheidshalve stuur ik aan alle gemeente-, OCMW- en provinciebesturen een afschrift van deze omzendbrief.
Liesbeth HOMANS

Wat de omzichtigheid inhoudt, wordt niet verder gedefinieerd.
De timing van de omzendbrief is volgens sommigen alvast opmerkelijk. Wat de consequenties ervan zijn naar een belangrijk dossier met de nodige impact als gemeente-OCMW integratie blijft immers onduidelijk.

Reacties uitgeschakeld voor Plaats- en tijdonafhankelijk werken (PTOW) neemt toe bij Vlaamse Overheid

Plaats- en tijdonafhankelijk werken (PTOW) neemt toe bij Vlaamse Overheid

Door | 4 oktober 2017 | Nieuws

Bron: Parlementaire vraag, antwoord: 4/10/2017

    • Ongeveer 70% van de personeelsleden die onder het toepassingsgebied Sectoraal Akkoord vallen, komt in aanmerking voor PTOW. Dit komt overeen met 17.420 personeelsleden. Van de Vlaamse ambtenaren die in 2016 in aanmerking kwamen voor PTOW, heeft ongeveer 60% effectief aan PTOW gedaan.

Op het niveau van de Vlaamse overheid is er echter onmiskenbaar een stijgende tendens waar te nemen. Daar waar in 2012 24% van de personeelsleden af en toe (1-29 dagen) en 9% regelmatig (30 dagen of meer) aan plaatsonafhankelijk werken
deed, is dit in 2016 gestegen tot respectievelijk 33,9% (of 6.415 personeelsleden) en 25,9% (of 4.909 personeelsleden).

Reacties uitgeschakeld voor Meld je elke laatste werkdag van de maand ziek

Meld je elke laatste werkdag van de maand ziek

Door | 1 oktober 2017 | Nieuws

Schooldirecteurs roepen collega’s op tot opmerkelijke actie: “Meld je elke laatste werkdag van de maand ziek”

Bron: De Morgen, 28/09/2017

Een groep Vlaamse directeurs uit het basisonderwijs roept de collega’s op om zich vanaf vrijdag elke laatste werkdag van de maand ziek te melden. “We houden van onze job, maar de torenhoge werkdruk en gebrekkige ondersteuning zijn onleefbaar geworden”, zegt mede-initiatiefnemer Kristoff Dhont donderdag in Het Belang van Limburg.

De directeur van een basisschool voor buitengewoon onderwijs uit Aalst richtte samen met enkele Oost-Vlaamse collega’s de Facebookgroep ‘Directies basisonderwijs knappen af’ op. Vrijdag verwachten ze dat de actie in een twintigtal basisscholen gevolgd zal worden. “Op termijn hopen we dat ons voorbeeld in heel Vlaanderen wordt gevolgd, over alle koepels en instellingen heen.”

De Facebookgroep plant voorts elke laatste werkdag van de maand een mailoffensief naar Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits.

De overkoepelende Organisatie Directeurs Vlaams Basisonderwijs (ODVB) steunt de oproep, maar de belangenverenigingen van de afzonderlijke doen dat niet. Daardoor “is het moeilijk te voorspellen hoeveel leden effectief thuis zullen blijven”, zegt ODVB-ondervoorzitter Joël Boussemaere.

“Ziekteverlof is een kostbaar goed dat niet misbruikt mag worden”, reageert Crevits. “Ik keur deze actie af en reken erop dat de verantwoordelijkheidszin van de betrokken directeurs de bovenhand krijgt. Ik zoek oplossingen in sociaal overleg.”

Vakbondsfront: “Onaanvaardbaar”

Het Gemeenschappelijk Vakbondsfront Onderwijs (GVO) reageert eveneens afkeurend op de oproep. “Ziektedagen gebruiken om actie te voeren is onaanvaardbaar”, klinkt het.

De onderwijsvakbonden COV, COC, ACOD-onderwijs en VSOA-onderwijs, samen het GVO, zegt begrip te hebben voor het ongeduld en de noden van de directeurs. “Directeurs basisonderwijs zijn manusjes-van-alles, ze hebben veel te weinig omkadering en veel te weinig kansen om echt de pedagogische directeur en personeelscoach te zijn die ze moeten zijn”, klinkt het.

Tegelijk wordt benadrukt dat van bij de start van de legislatuur aan Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) en haar coalitiepartners gevraagd werd om een oplossing te vinden voor het statuut en de werkvoorwaarden van de directies. In het kader van het loopbaandebat werd door de onderwijsvakbonden herhaaldelijk gevraagd om een werkgroep ‘Schoolleiderschap’ op te richten. Hoewel daar tot nu toe geen gevolg werd aangegeven, vindt het GVO het onaanvaardbaar om ziektedagen te gebruiken als actiemiddel.

“Voor de onderwijsvakbonden moeten de gesprekken in het kader van het loopbaandebat over het schoolleiderschap snel worden opgestart en leiden tot voelbare resultaten voor directies en lerarenteams”, luidt hun besluit.

Reacties uitgeschakeld voor Reeds 139 gemeenten zullen wijk-werken organiseren

Reeds 139 gemeenten zullen wijk-werken organiseren

Door | 1 oktober 2017 | Nieuws

Bron: Beslissingen Vlaamse Regering + Knack

29/09/17

(Belga) De Vlaamse regering heeft definitief het systeem van wijk-werken goedgekeurd. Dat moet het bestaande PWA-stelsel vervangen vanaf 2018. Met wijk-werken wil de regering bepaalde langdurig werklozen op weg helpen in hun traject naar werk.

Met de zesde staatshervorming kwam de werking van PWA’s (Plaatselijke Werkgelegenheidsagentschappen) over naar Vlaanderen. Maar het bestaande PWA-systeem was aan hervorming toe. Vlaams minister van Werk Philippe Muyters werkte het nieuwe system van wijk-werken uit. Het gaat om een stelsel waarin werkzoekenden met een grote afstand tot de arbeidsmarkt tijdelijk werkervaring kunnen opdoen in een laagdrempelige werkomgeving dicht bij huis. Wijk-werkers zullen een beperkt aantal uren (max. 60 uur/maand en 630 uur/jaar) kunnen presteren in een specifieke, toegankelijke werkomgeving. Het kan bijvoorbeeld gaan om het uitvoeren van klusjes bij mensen thuis zoals het gras afrijden, om het verzorgen van voor- en naschoolse kinderopvang, om het bedelen van maaltijden aan huis… De wijk-werkers krijgen daarvoor een kleine vergoeding van 4,10 euro per uur bovenop de werkloosheidsuitkering. Particulieren, gemeenten, scholen, OCMW’s of vzw’s die een beroep willen doen op wijk-werk, zullen hiervoor net als bij dienstencheques gebruikerscheques kunnen aankopen die voor particulieren fiscaal aftrekbaar zijn (30 procent). De basisprijs van de cheque is 5,95 euro, al krijgen de lokale besturen de mogelijkheid een hogere aanschafprijs te vragen die maximaal 7,45 euro per cheque mag zijn. Bedoeling is dat de betrokkenen binnen het jaar de volgende stap kunnen zetten in een traject naar werk. “Dat kan een stage zijn, een opleiding, een IBO (individuele beroepsopleiding, red.) of een van de andere instrumenten die we hebben”, aldus minister Muyters. Werkzoekenden voor wie blijkt dat de drempel alsnog te hoog is om de volgende stap te zetten, zullen terechtkunnen in de nieuwe werk-zorgtrajecten waar minister Muyters samen met zijn collega-ministers Jo Vandeurzen (Welzijn) en Liesbeth Homans (Sociale Economie) aan werkt. Om het nieuwe wijk-werken te organiseren, kunnen gemeenten samenwerkingsverbanden aangaan of de organisatie overlaten aan de VDAB. Intussen hebben 139 gemeenten aangegeven om zelf wijk-werk te zullen organiseren. Drie gemeenten hebben beslist de organisatie over te laten aan de VDAB. Het nieuwe systeem liep wat vertraging op, maar is nu volgens minister Muyters klaar voor de start in 2018.