Archief augustus, 2017

Reacties uitgeschakeld voor 35 miljoen euro voor scholenbouwprojecten

35 miljoen euro voor scholenbouwprojecten

Door | 23 augustus 2017 | Nieuws

Persbericht kabinet Vlaams minister van Onderwijs, 23 augustus 2017
Tijdens de maanden mei en juni 2017 is er iets meer dan 35 miljoen euro aan subsidies toegekend voor scholenbouwprojecten in het gesubsidieerd onderwijs. 5,6 miljoen euro gaat naar grote schoolbouwprojecten. Ruim 29 miljoen euro, gaat naar kleinere verbouwings- en renovatiewerken met het oog op de renovatie van het bestaande verouderde schoolpatrimonium. Dankzij deze subsidies maakt Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits verder concreet werk van de inhaalbeweging om schoolgebouwen te vernieuwen en te moderniseren.
AGION, het Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs, kent subsidies toe voor scholenbouwprojecten in het gesubsidieerd onderwijs (gemeentelijk, stedelijk, provinciaal en vrij onderwijs). Er zijn verschillende subsidieprocedures afhankelijk van de aard en de kostprijs van de bouw- of verbouwingswerken. Voor nieuwbouw en grote verbouwingswerken aan schoolgebouwen en de buitenomgeving werd er in mei en juni 2017 voor 5,6 miljoen euro aan subsidies vastgelegd ten voordele van schoolbesturen. Zo krijgen twee scholen een subsidie van meer dan 2 miljoen euro om hun schoolgebouwen grondig te vernieuwen: het CVO Lethas in Brussel (4..292.143,93 euro) en de cluster van het PHTI, PIHS en de Provinciale Middenschool in Gent (2.845.187,02 euro). Concreet gaat het bijvoorbeeld in het CVO Lethas in Brussel om de renovatie van het oude kantoorgebouw op het Rouppeplein en bijvoorbeeld in het Sint-Franciscus-Xaveriusinstituut in Brugge om de aankoop van een kloostergebouw ter uitbreiding van de schoolcapaciteit.
Voor de aanvragen die voortvloeien uit de verschillende uitzonderingsprocedures, zoals werken ten gevolge van overmacht, zeer dringende ingrepen, kleinere bouwwerken via de verkorte procedure is er ruim 29 miljoen euro vastgelegd, goed voor meer dan 460 goedgekeurde schoolbouwprojecten.

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits: ”Overal op het terrein, in bijna alle Vlaamse gemeenten wordt schoolinfrastructuur grondig vernieuwd of uitgebreid. Hiermee draait de motor van de scholenbouw op volle toeren. Dit past allemaal in het Masterplan Scholenbouw. In mei en juni 2017 alleen al heeft AGION 35 miljoen euro aan subsidies toegekend voor schoolbouwprojecten in het gesubsidieerd onderwijs. In de eerste helft van 2017 werd op die manier ondertussen al voor 85 miljoen euro aan reguliere subsidies toegekend. Nog nooit waren de investeringen in scholenbouw zo hoog en nog nooit werden er zoveel nieuwe scholen gebouwd, grondig vernieuwd of uitgebreid. Aan het einde van de legislatuur zal bijna elke Vlaamse of Brusselse gemeente (94 %) een nieuwe of vernieuwde school hebben. Dat is indrukwekkend en van groot belang voor de vele leerlingen, leraren en personeelsleden die dagelijks aan de kwaliteit van ons onderwijs werken.”

Léés meer

Reacties uitgeschakeld voor Leerkrachtenpool kan werkonzekerheid wegnemen

Leerkrachtenpool kan werkonzekerheid wegnemen

Door | 23 augustus 2017 | Nieuws

Bron: De Standaard, 23/08/2017
Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) heeft begrip voor de onzekerheid van startende leerkrachten maar benadrukt dat er goeie vooruitzichten zijn. ‘De volgende jaren komen er gemiddeld 6.000 voltijdse jobs per jaar bij in het onderwijs.’ Ook een pool kan die onzekerheid wegnemen.

Het Christelijk Onderwijzersverbond (COV) vraagt aan de vooravond van een nieuw schooljaar meer werkzekerheid voor starters en jonge leerkrachten in het kleuter- en het basisonderwijs en pleit voor het poolen van opdrachten.

Minister Crevits benadrukt dat de volgende jaren gemiddeld 6.000 voltijdse jobs per jaar in het basis- en secundair onderwijs moeten worden ingevuld. ‘Dat komt zowel door de groei van het aantal leerlingen, als door leerkrachten die met pensioen gaan.’

Leerkrachtenpool

Maar de werkonzekerheid kan ook op een andere manier aangepakt worden: door een pool met beginnende leerkrachten op te richten. De leerkrachten in de pool zouden de garantie krijgen dat ze een jaar lang aan de slag kunnen binnen een school of scholengemeenschap in hun regio. Bedoeling is dat ze zo veel mogelijk (bijvoorbeeld 75 procent van de tijd) effectief voor de klas staan. De overige uren zouden ingevuld kunnen worden door co-teaching of ondersteuning, professionalisering.

‘Dat voorstel maakte al deel uit van het pakket aan maatregelen dat dit jaar aan de sociale partners werd voorgesteld, maar ze hebben zelf gevraagd om een studie over de taakbelasting uit te voeren’, aldus Crevits. Binnenkort worden de gesprekken met de sociale partners hervat.

Vorig schooljaar telde het basisonderwijs 56.909 voltijdse banen. ‘Dat waren er ongeveer 2.400 meer dan bij de start van de legislatuur in 2014’, aldus de minister van Onderwijs. ‘Die toename was een gevolg van het gestegen aantal leerlingen. Maar ook door extra investeringen in het onthaalonderwijs en in de begeleiding van leerlingen met specifieke leerbehoeften, kwamen er honderden jobs bij.’

Reacties uitgeschakeld voor Meer stabiliteit om jonge leerkrachten in onderwijs te houden

Meer stabiliteit om jonge leerkrachten in onderwijs te houden

Door | 23 augustus 2017 | Nieuws

Bron: De Standaard

Het Christelijk Onderwijzersverbond (COV) vraagt aan de vooravond van een nieuw schooljaar meer werkzekerheid voor starters en jonge leerkrachten in het kleuter- en het basisonderwijs en pleit voor het poolen van opdrachten.

Ook volgend schooljaar zullen veel startende leerkrachten korte en al dan niet deeltijdse opdrachten aan elkaar rijgen. Wie tijdens de zomervakantie geen voltijdse job voor een heel schooljaar aangeboden kreeg, zal de rest van het schooljaar deeltijdse jobs bij elkaar moeten sprokkelen, afgewisseld met periodes van werkloosheid.

Uit cijfers voor het schooljaar 2013-2014 bleek dat in het kleuter- en het lager onderwijs respectievelijk 35 procent en 36 procent van de starters over een heel schooljaar een opdracht heeft van minder dan een derde van een voltijdse baan. Nog eens 30 procent werkt meer dan een derde maar minder dan twee derde. Ten slotte kan 33 procent terugvallen op een opdracht die groter is dan twee derde. Vaak hebben jonge starters door het schooljaar zowel opdrachten in het kleuter- als in het lager onderwijs.

Om jongeren warm te maken én te houden voor een job in het onderwijs, moeten we hen zo vlug mogelijk een stabiele professionele ruimte kunnen bieden, stelt de grootste vakbond voor het basisonderwijs. Veel startende leraren verlaten te snel de school en kiezen meer en meer voor werk- en inkomenszekerheid buiten het onderwijs, aldus het COV.

Door de strengere regels over uitkeringen, moeten jonge starters vaak ook langer wachten op een volwaardige werkloosheidsuitkering. Eerst moet de beroepsinschakelingstijd doorlopen worden. Tijdens die periode is er geen recht op uitkeringen en moet de leerkracht ingeschreven zijn als werkzoekende en actief naar werk zoeken.

‘Er moet gezorgd worden voor meer werkzekerheid. Het COV is ervan overtuigd dat via een betere afstemming van vraag en aanbod en het poolen van opdrachten meer stabiliteit kan gecreëerd worden’, zegt Marianne Coopman, algemeen secretaris COV.

Reacties uitgeschakeld voor OCMW-huiswerk: maak een visie omtrent eerstelijnszorg

OCMW-huiswerk: maak een visie omtrent eerstelijnszorg

Door | 20 augustus 2017 | Nieuws

Bron: VVSG , 17/08/2017
Op 7 juli ontvingen de lokale besturen (gemeenten én OCMW’s) van minister Vandeurzen de oproep tot de vorming van de eerstelijnszones. Dit kadert in de al langer aangekondigde reorganisatie van de Vlaamse eerstelijnszorg.

Uit de omzendbrief blijkt dat de lokale besturen verplichte partners zijn bij de opstart van de eerstelijnszones. Het formele engagement hiervoor wordt enkel gevraagd aan het gemeentebestuur. Voor VVSG is het van cruciaal belang dat het gemeentebestuur ook het OCMW hierin betrekt. Bij het aangaan van een engagement raadt VVSG aan aan dat het gemeentebestuur de visie van het OCMW over de eerstelijnszorg aftoetst.

Daarnaast worden de lokale dienstencentra in eerste instantie niet meegenomen in de samenstelling van de Zorgraad. Toch zijn de lokale dienstencentra een belangrijke partner in de buurtgerichte zorg en de gezondheidspreventie, twee thema’s die een belangrijke rol innemen in de hervorming van de eerstelijnszorg. De VVSG pleit er dan ook voor om de lokale dienstencentra mee op te nemen in de samenstelling van de Zorgraad.

In navolging van de infosessies over de reorganisatie van het eerstelijnslandschap die VVSG organiseerde in juni, ontwikkelde VVSG ook een leidraad voor lokale besturen over de opstart van de eerstelijnszones gaan. Lokale besturen die deze informatie nog niet in hun bezit hebben, kunnen dit opvragen via het mailadres eerstelijn@vvsg.be. Ook met andere vragen over de reorganisatie van het Vlaamse eerstelijnslandschap kan je hier terecht.

Reacties uitgeschakeld voor Moeten 500 ambtenaren straks examen afleggen voor eigen job?

Moeten 500 ambtenaren straks examen afleggen voor eigen job?

Door | 18 augustus 2017 | Nieuws

Bron: Het Laatste Nieuws

GROTE PANIEK BIJ STADSPERSONEEL NA VERNIETIGING 508 STATUTAIRE BENOEMINGEN

Moeten 500 Gentse ambtenaren binnenkort een examen afleggen voor hun eigen job die ze al minstens 12 jaar uitvoeren? De stad laat dat in elk geval juridisch uitvlooien nadat Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Liesbeth Homans (N-VA) de statutaire benoeming van 508 personeelsleden van de stad vernietigde. “Er heerst grote paniek”, zegt personeelsschepen Martine De Regge (sp.a).

Terug naar april 2017. Toen keurde de gemeenteraad de statutaire benoeming van 508 personeelsleden van de stad goed. Allemaal hadden ze minstens twaalf jaar, sommigen zelfs dertig tot veertig jaar, als contractueel gewerkt voor de stad.

De stad wilde zo een onevenwicht wegwerken binnen de stadsdiensten. Er zijn gevallen bekend van collega’s die hetzelfde werk doen, maar de ene krijgt als statutair een veel hoger pensioen dan zijn contractuele collega. Het punt raakte zonder opmerkingen van de oppositie door de gemeenteraad. Minister Homans dacht er helemaal anders over. Zij stelde vast dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden en dat er geen examens zijn georganiseerd voor de verbeterde statuten. Ze vernietigde de beslissing van de stad.”

Verbolgen
Bij het stadsbestuur sloeg het nieuws in als een bom. “Ik ben verbolgen”, zegt schepen van Personeel Martine De Regge (sp.a). “De minister speelt politieke spelletjes en meer dan 500 goed werkende personeelsleden dreigen daar nu het slachtoffer van te worden.”

“Ik heb de beslissing van de minister in de pers moeten vernemen. Pas deze morgen is de officiële communicatie van de minister bij ons via de post aangekomen, drie maanden na de invoering, ook dat maakt mij boos”, aldus De Regge. “Bij die 500 ambtenaren is er nu grote paniek. Voor hen dreigt totale rechtsonzekerheid. We zullen juridisch advies inwinnen om te kijken op welke manier we deze situatie kunnen rechtzetten.”

“Examen niet nodig”
De stad wil onder andere laten uitzoeken of de 500 getroffen ambtenaren nu een examen zullen moeten afleggen voor de job die ze al 12 jaar of langer uitoefenen, met het risico dat externe kandidaten hun job inpikken. “Ze hebben destijds al aan een examen meegedaan om die job te krijgen, dus in onze ogen was een nieuw examen niet nodig. Bovendien kost het organiseren van dergelijke examens handen vol geld, dat zou compleet waanzinnig zijn.”

“In sommige gevallen gaat het om mensen die zowat hun hele leven als contractueel hebben gewerkt. Door de aanpassing te doen probeerden we die mensen een goed pensioen te garanderen net op het moment dat de Vlaamse regering aan die pensioenen zit te morrelen. Voor een poetsvrouw die haar hele carrière werkt aan de stad zou onze ingreep bijvoorbeeld een verschil van 4 à 500 euro aan pensioen schelen”, aldus De Regge.

Het stadsbestuur werd door Homans beschuldigd van ‘cliëntilisme’ met het oog op de komende verkiezingen. Martine De Regge reageert. “Dat die benoemingen nu gebeuren heeft helemaal niets te maken met de nakende verkiezingen. De regering heeft drie jaar geleden aangekondigd dat de pensioenen gemengd zouden worden berekend. Tot voor kort was de regel dat wie zijn tien laatste jaren als ambtenaar een statutair contract had, een volwaardig statutair pensioen kreeg. De nieuwe regeling betekent dat men een pensioen krijgt op basis van het gedeelte statutair en het gedeelte contractueel dat men werkte. Dat zou ingaan op 1 juli 2017. Daarom hebben we die maatregel genomen en laten ingaan op 1 juni 2017. Daar kwam een pak juridisch werk bij kijken maar met verkiezingsgewin heeft die timing helemaal niets te maken. Binnen een jaar zijn die ambtenaren dat al lang vergeten. De enige die dit politiek wil uitbuiten is de minister op de kap van 500 hardwerkende ambtenaren.”

Reacties uitgeschakeld voor Bij stad en OCMW Gent staat geobjectiveerd personeelsbeleid voorop

Bij stad en OCMW Gent staat geobjectiveerd personeelsbeleid voorop

Door | 18 augustus 2017 | Nieuws

Bron: Departement HRM – GENT

Stad en OCMW Gent waren één van de eerste lokale besturen die consequent hun selectieprocedure hebben uitbesteed. De dienst Human Resources bevestigt dat er allang geen sprake is van politieke benoemingen.

Stad Gent en OCMW Gent voeren nog steeds een geobjectiveerd personeelsbeleid in samenwerking met Jobpunt Vlaanderen. Voor elke vacante betrekking wordt conform de bepalingen van het Vlaams Rechtspositiebesluit en conform de eigen rechtspositieregeling een selectieprocedure georganiseerd waarbij kandidaten objectief worden vergeleken.

Het gemeente- en OCMW-raadsbesluit dat werd vernietigd sloeg hier echter niet op. Er werden met deze besluiten geen plaatsen vacant verklaard waardoor geen selectieprocedures moesten worden georganiseerd. De contractuele medewerkers die aan de voorwaarden van de besluiten voldeden werden op basis ervan statutair aangesteld in hun huidige functie.

Door de raadsbeslissingen, ondertussen door de bevoegde minister vernietigd, werden de medewerkers van de Stad en het OCMW Gent die 12 jaar contractueel in dienst waren statutair aangesteld in hun huidige functie. Van een ‘hogere functie op de hiërarchische ladder’ (zoals in berichtgeving werd gesuggereerd) is dus geen sprake en evenmin heeft dit voor deze medewerkers gevolgen op vlak van bezoldiging.

Reacties uitgeschakeld voor Waar komt vaste benoeming vandaan ?

Waar komt vaste benoeming vandaan ?

Door | 18 augustus 2017 | Nieuws

VTM-nieuws, 16/08/2017
Minister van Binnenlands Bestuur Liesbeth Homans (N-VA) schrapt in de stad Gent 508 vaste benoemingen. Volgens haar zijn de wetten omtrent benoemingen niet nageleefd. Maar waar komt dat systeem van die vaste benoemingen in de publieke sector vandaan? En is dat systeem niet heel erg verouderd?

Een statutaire ambtenaar heeft van de overheid een statuut gekregen, voor een functie die over lange termijn ingevuld moet worden. Hij of zij kan niet zomaar worden ontslagen en is in principe benoemd voor het leven.

In Vlaanderen waren eind vorig jaar 66.856 statutaire ambtenaren. Tien jaar geleden waren er dat nog zo’n 76.000. In tien jaar tijd is het aantal vast benoemde ambtenaren dan ook met twaalf procent gedaald.

Pruisische koning
“Het systeem van de vaste benoemingen kent een lange geschiedenis. We moeten terug naar het koninkrijk Pruisen in 1794”, klinkt het bij Alexander Debecker, professor arbeids- en ambtenarenrecht aan de UGent. “Toen vond koning Frederik II van Pruisen het niet langer kunnen dat leiders hun ambtenaren zomaar konden ontslaan als ze daar zin in hadden. “

“Hij ontwikkelde daarom een systeem waarbij de hofhouding in vast dienstverband ging werken, waardoor ze niet ontslagen konden worden door de willekeur van koningen. In ruil moesten de ambtenaren een eed afleggen en de koning voor de rest van hun leven gehoorzamen. “

In de jaren daarna verspreidde het systeem zich langzaam maar zeker over Europa. Toen België in 1831 onafhankelijk werd, was de vaste benoeming ook onderdeel van de grondwet. “In plaats van trouw aan de koning, moest men trouw zweren aan de regering. Men hield het systeem van Frederik II van Pruisen intact omdat men vond dat ambtenaren beschermd moesten worden tegen de willekeur van politici”, aldus Debecker.

Politieke willekeur
Net daarom is het systeem vandaag de dag nog steeds noodzakelijk. “Het lijkt een achterhaald systeem, maar het beschermen tegen politieke willekeur is vandaag nog steeds hét argument om de vaste benoemingen te behouden. Op die manier kan vermeden worden dat een politicus verkozen raakt en alle ambtenaren buiten gooit”, gaat Debecker verder.

Het grote verschil tussen de private en de openbare sector is dan ook dat men in de privésector gewoon iemand kan ontslaan, en dat ontslag er altijd doorkomt. “Het kan soms handenvol geld kosten, maar een werkgever haalt in de privé altijd zijn slag thuis. In de publieke sector willen ze dergelijke situaties vermijden. Net omwille van die redenen, houdt men vast aan het eeuwenoude systeem.”

“Enkel kritische functies”
In het zomerakkoord van de regering is recent besloten om het aantal vaste benoemingen in de overheidssector in te perken. “Die vaste benoeming mag niet meer de norm zijn. We willen die voorbehouden voor mensen met een gezagsfunctie”, klinkt het bij minister van Ambtenarenzaken Steven Vandeput (N-VA). Concreet gaat het om mensen die bij politie, leger of justitie werken. Ook een belastingambtenaar kan nog een vaste benoeming krijgen.

Een goed idee volgens Alexander Debecker. “De mensen in die functies hebben inderdaad bescherming nodig, dus het is logisch dat er in die takken nog statutairen worden benoemd.” Ook Jan Denys, HR-specialist bij Randstad, deelt die mening. “De vaste benoemingen moeten niet algemeen geldend worden, maar de voorwaarden moeten strenger en niet in elke branche zijn statutaire ambtenaren nodig.”

Reacties uitgeschakeld voor Contractuelen voortaan de norm bij de overheid.

Contractuelen voortaan de norm bij de overheid.

Door | 2 augustus 2017 | Nieuws

Bron: Zomerakkoord 2017, Federale Overheid

Hervorming openbaar ambt

  • De wetgeving zal worden aangepast voor de aanwerving van nieuwe personeelsleden in de overheidssector om prioriteit te geven aan contractuelen voor een efficiëntere overheid.
  • De wetgeving zal worden aangepast voor de overheidsbedrijven en het federale openbare ambt. De ontwerpteksten worden tegen eind december 2017 voorgelegd aan de ministerraad.
  • Er zal een studie worden uitgevoerd om alle gezagsfuncties te bepalen die, omwille van de uitoefening ervan, een statuut vereisen dat de belangen van de staat en de ambtenaar vrijwaart.
  • De huidige statutaire ambtenaren behouden hun statuut gedurende heel hun loopbaan, ook bij bevordering of mobiliteit.
  • De werkzaamheden rond de vereenvoudiging en verduidelijking van de teksten die aan de basis liggen van de organisatie van het openbaar ambt zullen worden afgerond (codex openbaar ambt).
  • Deze moderniseringsmaatregelen zullen ons openbaar ambt flexibeler, aantrekkelijker en productiever maken, zonder afbreuk te doen aan het personeel en de dienst.

Lees hier het volledig zomerakkoord

Reacties uitgeschakeld voor Interimwerk mogelijk bij de overheid

Interimwerk mogelijk bij de overheid

Door | 2 augustus 2017 | Nieuws

Bron: Zomerakkoord, Federale Regering
In overleg met de syndicale organisaties, zal interimwerk in het openbaar ambt mogelijk worden
gemaakt in de volgende gevallen:

  • de vervanging van een statutair of contractueel personeelslid;
  • een tijdelijke toename van werk;
  • de uitvoering van een uitzonderlijk werk.

Lees hier het volledig zomerakkoord

Reacties uitgeschakeld voor Ruim 1.100 hoofdinspecteurs te weinig bij lokale politie

Ruim 1.100 hoofdinspecteurs te weinig bij lokale politie

Door | 2 augustus 2017 | Nieuws

Bron: Polinfo.be – 01/08/2017
Auteur Tom Depla

De geïntegreerde politie kampt met een groot tekort aan hoofdinspecteurs. Maar terwijl de federale politie slechts 12 hoofdinspecteurs te weinig heeft, zijn er dat bij de lokale politiezones maar liefst 1.122. Dat blijkt uit het antwoord van minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken Jan Jambon op een parlementaire vraag. Om het tekort weg te werken nam het aantal vacatures in het kader van het bevorderingsexamen tot het middenkader in 2016 en 2017 aanzienlijk toe. Daarnaast worden nog ingrijpende aanpassingen in de aanwervings- en bevorderingsprocedure onderzocht.

De situatie voor hoofdinspecteurs (HINP) ziet er als volgt uit:
• 2.559 HINP bij de federale politie op 28 februari 2017. Voorzien in de Organieke Tabel (OT3): 2.571 HINP. Er zijn dus 12 hoofdinspecteurs te weinig bij de federale politie.
• 4.566 HINP bij de lokale politie op 31 december 2015: Voorzien in de organieke kaders (totaal voor alle politiezones): 5.688. Er zijn dus 1.122 hoofdinspecteurs te weinig bij de lokale politie.

Vragenlijst voor lokale politie

Om het aantal vacatures zoveel mogelijk te doen overeenkomen met de reële noden van de politiezones, wordt naar elk lokaal politiekorps elk jaar een vragenlijst gestuurd om hun behoeften te kennen. “Helaas moeten we vaststellen dat in 2016 slechts 75% van de politiekorpsen op deze vragenlijst heeft geantwoord”, aldus Jambon. “Van de grote politiekorpsen – in principe degenen die het het meest nodig hebben – heeft 39,13 % geen gegevens bezorgd. Het is dus belangrijk dat de politiezones deze vragenlijsten beantwoorden om hun behoeften te kunnen inschatten.”

Vertrekkende HINP

Tussen 2012 en 2016 zijn er 604 HINP vertrokken bij de federale politie. Bij de lokale politie zijn in die periode 723 HINP vertrokken. Die vertrekken omvatten oppensioenstellingen, overlijdens en ontslagen, en ook oppensioenstellingen wegens lichamelijke ongeschiktheid.

Slaagpercentage voor selectieproeven

Het percentage kandidaat-hoofdinspecteurs dat jaarlijks slaagt voor de selectieproeven en houder is van een hoger diploma dan een diploma van secundair onderwijs, schommelt (op basis van de vijf laatste jaren) tussen 25 en 35%. Daarbij is 20 tot 25% houder van een bachelordiploma en 5 tot 10% houder van een masterdiploma.

Bevorderingsexamen: meer vacatures

“Op basis van al deze factoren moest er dus een raming van de behoeften worden gemaakt om naar een representatief beeld te streven”, licht de minister toe. “In 2016 en 2017 nam het aantal vacatures in het kader van het bevorderingsexamen tot het middenkader aanzienlijk toe.” In 2016 werden 256 plaatsen opengesteld en de laureaten zijn hun opleiding middenkader begonnen in oktober 2016. Het merendeel (217) rondt de opleiding in juni af. De 39 anderen zetten een langere opleiding verder omdat het gaat om gespecialiseerde functies die via externe weg werden opengesteld. Voor 2017 moeten er 300 plaatsen worden ingevuld in het kader van de sociale promotie en 77 plaatsen worden extern opengesteld voor gespecialiseerde functies: ICT, EcoFin, Laboratoria voor technische en wetenschappelijke politie, evenals islamoloog.

Mogelijke maatregelen op langere termijn

Naast deze beslissingen op korte termijn worden op dit moment nog verschillende andere maatregelen onderzocht:
• de aantrekkelijkheid van het middenkader versterken door een mobiliteitsfase voorafgaand aan de opleiding te organiseren, opengesteld voor de laureaten van het bevorderingsexamen, zodat zij zo snel mogelijk zekerheid krijgen over hun toekomstige werkgever;
• de politie-inspecteurs die in het bezit zijn van een diploma hoger dan niveau C (bachelor of master) de mogelijkheid bieden om sneller deel te nemen aan het bevorderingsexamen. Hun drie bachelorjaren zouden meegeteld kunnen worden in de vereiste zes jaar anciënniteit met het oog op de deelname aan het bevorderingsexamen. Deze maatregel heeft twee doelstellingen: het basiskader aantrekkelijker maken bij de kandidaten met hogere diploma’s zonder evenwel de overige kandidaten te veronachtzamen, maar ook hun bevorderingsproces versnellen en tegelijk de anderen alle kansen op bevordering laten. “Het betreft uiteraard een aangelegenheid die met de vakbonden onderhandeld moet worden”, geeft Jambon mee.
• het middenkader van de politie openstellen voor de externe kandidaten die minimaal in het bezit zijn van een diploma niveau B. Tot op heden is het middenkader, naast de gespecialiseerde functies, uitsluitend toegankelijk via sociale promotie.

Officier van gerechtelijke politie

“Merk overigens op dat de hoedanigheid van officier van gerechtelijke politie – aanvankelijk het enige voorrecht van het middenkader en het officierskader – weldra ook zal worden toegekend aan bepaalde politie-inspecteurs. Het gaat hier om een uitvoering van het laatste sectoraal akkoord dat werd afgesloten. Het koninklijk besluit volgt het traject van de voorgeschreven formaliteiten”, aldus de minister.

Bron: vraag nr. 2291 van Nawal Ben Hamou aan minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken Jan Jambon, over ‘Aantal hoofdinspecteurs met een diploma bij de politie”, Bulletin nr. 124

http://www.polinfo.be/NewsView.aspx?contentdomains=POLINFO&id=VS300546020&lang=nl