Archief juni, 2013

Reacties uitgeschakeld voor EU-ambtenaren staken opnieuw: “Carrière is niet aantrekkelijk”

EU-ambtenaren staken opnieuw: “Carrière is niet aantrekkelijk”

Door | 26 juni 2013 | Nieuws

Bewerkt door: redactie De Morgen − 26/06/13, 11u28 − Bron: Belga

© photo news.
Het sociale conflict in de Europese instellingen treedt opnieuw op de voorgrond. Vandaag leggen de ambtenaren van alle Europese instellingen het werk neer. De ambtenaren van de Raad, die de voorbije maanden het vaakst actie voerden tegen de besparingen, zetten de staking ook voort tijdens de Europese top op donderdag en vrijdag.

“Na reeds zeven stakingsdagen blijft het personeel met deze krachtige daad ijveren voor een bekwame, onafhankelijke, permanente Europese openbare dienst die op proportionele wijze alle lidstaten vertegenwoordigt”, stellen de vakbonden Fédération de la Fonction Publique Européenne (FFPE), Union Syndicale en Renouveau Démocratie Conseil in een gemeenschappelijke persmededeling. Ze betichten de lidstaten ervan “te spotten met de fundamentele regels van het arbeidsrecht, zonder sociale dialoog en in een strikt boekhoudkundige logica”.

De Europese vakbonden voeren al maanden actie tegen de besparingsplannen, die onder meer een bevriezing van de salarissen, een hervorming van het vergoedingssysteem, het optrekken van de pensioenleeftijd van 63 tot 67 jaar en de vermindering van de pensioenrechten omvatten. Volgens hen is een carrière in de Europese instellingen “weinig aantrekkelijk, wat zich reeds vertaalt in een “zorgwekkend gebrek aan geografisch evenwicht onder de ambtenaren”. Burgers uit rijkere landen zijn simpelweg niet meer geïnteresseerd, klinkt het.

De besparingsplannen voor het personeel maken deel uit van de Europese meerjarenbegroting van 2014 tot 2020. Daarover is nog steeds geen akkoord bereikt. Het Europees Parlement wil dat er flexibeler met begrotingsmiddelen kan geschoven worden en eisen meer uitzicht op eigen Europese inkomsten. Het overleg wordt volgens diplomatieke bronnen voortgezet op het hoogste niveau in de marge van de Europese top.

Reacties uitgeschakeld voor Bogaert op consultatieronde bij overheidsdiensten

Bogaert op consultatieronde bij overheidsdiensten

Door | 24 juni 2013 | Nieuws

Vandaag om 18:35 door rdc | Bron: Belga

Hendrik Bogaert bij zijn bezoek aan het justitiehuis van Kortrijk. Foto: BELGA
Staatssecretaris voor Ambtenarenzaken en Modernisering van de Openbare Diensten Hendrik Bogaert (CD&V) is op consultatieronde bij de verschillende federale overheidsdiensten. Aan de hand daarvan wil Bogaert de ambtenaren informeren, maar ook zijn oor bij hen te luister leggen.

‘We zitten op nationaal niveau met 132.000 ambtenaren. In het kader van het hervormingsprogramma is het noodzakelijk om eens langs te gaan bij de mensen en de bedrijven’, zegt Bogaert na een bezoek van twee uur aan het justitiehuis van Kortrijk. ‘We willen de temperatuur opmeten en weten welke gevoelens er leven. En we willen ook weten hoe wij het doen.’

Uit het gesprek met in Kortrijk blijkt dat er onder meer vragen zijn over de overgang naar de Vlaamse gemeenschap, maar ook over het personeelsbeleid en het loopbaanverloop van de ambtenaar. De drie procentregel, waarmee Bogaert meer mensen met een handicap aan het werk wil zetten, kwam eveneens ter sprake. ‘Dat zijn een aantal bekommernissen waar wij een antwoord willen op bieden’, aldus de staatssecretaris.

Reacties uitgeschakeld voor 100 ambtenaren vloeien af in Antwerpen

100 ambtenaren vloeien af in Antwerpen

Door | 19 juni 2013 | Nieuws

Wikimedia Commons
di 18/06/2013 – 13:06 Pieterjan Huyghebaert
Antwerpen moet het dit jaar nog met 100 ambtenaren minder doen. Het gaat volgens het lokale bestuur om natuurlijke afvloeiingen en niet om naakte ontslagen. Antwerpen moet besparen, omdat anders de pensioenkosten te hoog oplopen.
Alle uitgaven van de Sinjorenstad zijn tegen het licht gehouden en waar nodig aangepast. Het stadsbestuur benadrukt dat er zonder de besparing geen ruimte meer overblijft voor noodzakelijke investeringen. Antwerpen maakt zich sterk dat er geen impact zal zijn op de dienstverlening en ook geen belastingverhoging komt.

Volgens burgemeester Bart De Wever (N-VA) is er bewust niet gekozen voor de kaasschaafmethode. “Iedereen 10 procent doen inleveren, dat is slechts 10 seconden werk, maar te gemakkelijk”, zegt de burgemeester. “We hebben voor de beheersmethode gekozen. Dat wil zeggen dat bepaalde organisaties slecht nieuws gaan krijgen.” Volgens De Wever betekent dat ook dat sommige verenigingen meer gaan krijgen dan vandaag.

Reacties uitgeschakeld voor Topambtenaren verlaten stad Antwerpen

Topambtenaren verlaten stad Antwerpen

Door | 19 juni 2013 | Nieuws

Vandaag om 06:40 door jvh | Bron: Belga

Het Antwerpse stadsbestuurt moet op zoek naar enkele nieuwe topmensen Foto: WAS
De nieuwe samenstelling van het Antwerpse stadsbestuur begint voor belangrijke wijzigingen te zorgen in de stedelijke administratie. Die administratie ziet met communicatiedirecteur Ils Neuts en strategisch coördinator Roeland Gielen twee sleutelfiguren vertrekken.
De Antwerpse stadssecretaris preciseerde dinsdag in een interne mail enkele ‘aanpassingen’ aan de stedelijke organisatie. ‘Strategisch coördinator Roeland Gielen en bedrijfsdirecteur marketing en communicatie Ils Neuts verlaten op 1 september de stad Antwerpen om een nieuwe uitdaging aan te gaan in de privésector’, klonk het.

Gielen was sinds mei 2004 naast stadssecretaris de topman binnen de stedelijke administratie van zowat 8.000 personeelsleden. Daarvoor was hij vennoot bij het gerenommeerde consultingbureau Accenture. Na bijna tien jaar in dienst van de stad keert Gielen nu terug naar de privésector. Volgens Dirk Delechambre, de woordvoerder van de stad, heeft het vertrek niets te maken met de nieuwe coalitie in de Scheldestad. Wat dan wel de reden van het ontslag is en waar hij aan de slag gaat, wordt niet gecommuniceerd.

Ils Neuts ruilt na de zomer Antwerpen in voor Telenet. Ook over dit vertrek worden geen details vrijgegeven. Zowel Neuts, die ongeveer 110 ambtenaren leidde, als de stad houden de lippen op elkaar. Er wordt al langer gefluisterd dat heel wat topambtenaren na de machtswissel in de stad op zoek zijn naar een andere job. De naam van de communicatiedirecteur viel daarbij meer dan eens. Al wordt dat door Delechambre ontkend.

Reacties uitgeschakeld voor Bogaert wil af van anciënniteit bij ambtenaren

Bogaert wil af van anciënniteit bij ambtenaren

Door | 14 juni 2013 | Nieuws

Het aantal dienstjaren zal binnenkort maar een beperkte rol meer spelen bij de berekening van het loon van federale ambtenaren. De ministerraad is ingegaan op het voorstel van staatssecretaris Hendrik Bogaert (CD&V) daaromtrent.
Bogaert plant grote hervormingen van het statuut van de federale ambtenaren. Die plannen hebben al geregeld tot ongenoegen geleid bij de ambtenaren en hun vakbonden. Een van de zaken die Bogaert wil realiseren, is de verloning van de ambtenaren meer afhankelijk maken van prestaties en minder van het aantal dienstjaren, zoals nu het geval is.

“Dit is een systeem waarbij men kijkt naar evaluaties. Wie goed presteert, gaat sneller vooruit. Wie het minder goed doet, die zakt af, zoals in elke organisatie”, verduidelijkt Bogaert. Verdwijnt de anciënniteit dan volledig? “Het zit er nog een stukje in, maar dat is minimaal ten opzichte van de andere principes”, aldus de CD&V’er.

Het voorstel van Bogaert heeft nu de goedkeuring gekregen van de ministerraad. Maar daarmee is het nog niet rond. De CD&V-staatssecretaris gaat eerst nog onderhandelen met de vakbonden.

Reacties uitgeschakeld voor Gemeenten vragen afbouw ambtenarenpensioenen

Gemeenten vragen afbouw ambtenarenpensioenen

Door | 13 juni 2013 | Nieuws

De Standaard, 13/06/2013 om 16:27 door jvt, cvs

Foto: pn
‘De ambtenarenpensioenen worden onhoudbaar’, zegt Mark Suykens, directeur van Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten (VVSG). Hij wijst er op dat de steden en gemeenten het enige niveau is dat hun pensioenen 100 procent zelf betaalt. ‘Vlaanderen wentelt bijna de hele pensioenfactuur af op de federale overheid.’

Suykens ziet twee manier om aan dat probleem een mouw te passen. ‘De ambtenarenpensioenen zijn veel te genereus’, zegt Suykens. ‘Het is toch niet normaal dat wanneer je een loonsverhoging onderhandelt met het personeel, het pensioen van de gepensioneerden automatisch ook omhoog gaat.’ Dat is de zogenaamde perequatie.

Daarnaast vraagt de VVSG ook dat de Vlaamse en federale overheid een half miljard bijdraagt aan de toename van de pensioenfactuur. Die neemt tegen 2018 toe met 650 miljoen euro.

Andere eisen

De pensioeneis is de voornaamste van een reeks eisen die de Vlaamse gemeenten en OCMW’s hebben opgesteld om hun financiën onder controle te houden. Met die eisen willen ze het debat aangaan met de federale en Vlaamse overheid.

Zo willen de gemeenten bijvoorbeeld ook een blijvende stijging van het Gemeentefonds met minimum 3,5 procent per jaar. De vraag is of de nieuwe Vlaamse regering dat ritme zal behouden als ze aantreedt na de verkiezingen van 2014. De federale en Vlaamse overheid mogen hun budgettaire ingrepen ook niet afwentelen op de lokale besturen, vinden ze.

‘Dit is een noodkreet’

De Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten (VVSG) trok eerder al aan de alarmbel. Door de bijkomende uitgaven en afnemende ontvangsten vrezen de gemeenten dat ze drastische ingrepen niet kunnen voorkomen, zoals het terugschroeven van de dienstverlening en het afdanken van personeel.

‘Mensen zullen merken dat onder meer de diensten worden afgebouwd en dat de lokale overheden personeelsleden moeten laten gaan’, zegt VVSG-voorzitter Luc Martens op Radio 1. ‘Dit is een noodkreet.’

Reacties uitgeschakeld voor Voortaan ambtenaar niveau A zonder diploma

Voortaan ambtenaar niveau A zonder diploma

Door | 10 juni 2013 | Nieuws

vr 07/06/2013 – 16:21 Dominique Fiers
Federale ambtenaren hoeven binnenkort niet meer over een universitair diploma te beschikken om door te stoten naar het hoogste niveau. De federale regering heeft een KB goedgekeurd dat hen toelaat om via bijscholing het hoogste niveau te bereiken.

Belga
Het nieuwe koninklijk besluit komt er op initiatief van staatssecretaris voor Ambtenarenzaken Hendrik Bogaert (foto, CD&V). “Er kunnen verschillende redenen zijn waarom iemand geen universitair diploma heeft behaald”, motiveert hij de beslissing. “Iemand die toont dat hij goed bezig is, zou principieel in staat moeten zijn de top te bereiken”.

Binnen de ambtenarij zijn er nu vier personeelscategorieën: niveau D voor mensen zonder diploma, niveau C voor mensen met een diploma secundair onderwijs, niveau B voor een bachelor en niveau A voor wie een universitair diploma heeft.

“Er zijn schotten tussen die diploma-niveaus en daar willen we iets aan doen. Het is goed dat mensen op hun diploma-niveau geselecteerd worden maar het is niet goed dat we naar een soort kastesysteem gaan waar niemand nog uitgeraakt. Ik vind sociale mobiliteit ontzettend belangrijk”, onderstreept Bogaert.

Daarom zullen vanaf volgend academiejaar ambtenaren zonder universitair diploma een opleiding kunnen volgen om door te groeien naar het hoogste niveau. Daarvoor moeten ze wel eerst slagen in een test bij Selor, het selectiebureau van de federale overheid. “Het is niet de bedoeling dat duizend mensen de opleiding starten om dan te moeten vaststellen dat ze niet slagen”, aldus Bogaert.

Kandidaten die slagen voor de competentietest volgen vier cursussen van een masterprogramma van een universiteit of hogeschool. Een daarvan moet recht, economie of overheidsfinanciën zijn. De uiteindelijke toewijzing van een functie van niveau A zal gebeuren na een vergelijkende selectie. Volgens Bogaert is er veel interesse voor de bijscholing.

Reacties uitgeschakeld voor Psycho-sociale belasting in het onderwijs: wat doen we daarmee ?

Psycho-sociale belasting in het onderwijs: wat doen we daarmee ?

Door | 5 juni 2013 | Nieuws

Eigen redactie, 05 06 2013 –
Naar aanleiding van de onderwijshervorming, haalde www.werkeninhetonderwijs.be nog eens het ziekteverzuimrapport van 2011 boven.
Chris De Meerleer: “Er is niet alleen een onderwijshervorming nodig op het vlak van onderwijsaanbod, maar ook een volledig nieuw personeelsbeleid in het onderwijs.”

Bron : Mensura, rapport ziekteverzuim onderwijspersoneel, 2011

1. In 2011 bedroeg het ziekteverzuimpercentage voor het Vlaamse onderwijspersoneel 3,84%. Dat is een lichte daling t.a.v. 2010, toen het ziekteverzuimpercentage 3,87% bedroeg. In dat cijfer worden alle ziektedagen in rekening genomen, ook de eendagsziekten. Wanneer we geen rekening houden met eendagsziekten, gaat het om een percentage van 3,69% in 2011, tegenover 3,72% in 2010.
In 2011 werden er 2.339.153 ziektedagen genomen door het Vlaamse onderwijspersoneel. Dat is een daling van 1,90% of 45.225 dagen t.a.v. het aantal ziektedagen van 2010. Om dat cijfer te interpreteren, moeten we ook rekening houden met een daling van het aantal personeelseenheden. Procentueel hebben we te maken met een daling van 0,96%.
Nadat het ziekteverzuimpercentage jarenlang een licht stijgende trend vertoonde, is dit de tweede keer dat er een daling is ten opzichte van het voorgaande jaar. De dalende trend is substantieel, het ziekteverzuimpercentage is zelfs lager dan het percentage van 2008.
2. De daling van het aantal ziektedagen is voornamelijk te wijten aan de vermindering van het aantal ziektedagen in de leeftijdscategorie 56-65 jaar.
3. Hetaantaleendagsziektenisin2011gedaaldmet1,79%of1.743dagen,terwijlhetglobaleaantal ziektedagen gedaald is met 1,90%. Na een jarenlange stijging daalt het aantal eendagsziekten voor het eerst in vergelijking met het voorgaande jaar.
Op basis van voorgaande vaststellingen, is er volgens ons op dit ogenblik geen aanleiding om een grondige wijziging van het systeem van ziekteverlof en ziektecontrole te overwegen.
4. Ophetvlakvanhetgemiddeldeaantalziektedagenopgesplitstperonderwijscategorieblijftereen uitschieter bij het meesters-, vak- en dienstpersoneel, maar hier gaat het om een uitdovende personeelscategorie.
5. Het ziekteverzuim van het gesubsidieerd vrij onderwijs, het gesubsidieerd gemeentelijk onderwijs en het gesubsidieerd provinciaal onderwijs is lager dan het algemeen ziekteverzuimpercentage van 3,84%. Het Gemeenschapsonderwijs bevindt zich boven het gemiddelde.
6. De psychosociale aandoening blijft ook in 2011 de voornaamste oorzaak van ziekteverzuim. Het gaat om 37,10% van de ziektedagen (42,75% bij mannen en 35,11% bij vrouwen). Dat is weliswaar een daling in vergelijking met het vorige jaar, toen het 38,24% bedroeg.
7. Bij de psychosociale aandoeningen zien we percentsgewijs een oververtegenwoordiging van het directiepersoneel. Terwijl het gemiddelde percentage afwezigheden om psychosociale redenen schommelt rond de 43% voor mannen en 35% voor vrouwen, loopt dat voor directies op tot 56% voor mannelijke en vrouwelijke directies. Als we binnen het directiepersoneel gaan kijken in de leeftijdsgroep van 56-65 jaar is bijna 65% van de ziektedagen het gevolg van een psychosociale aandoening, terwijl dat voor de totaliteit van de personeelscategorieën in die leeftijdsgroep 51% bedraagt, een verschil van bijna 14%. Bij de leeftijdsgroep van 46-55 jaar is het verschil zelfs bijna 15%. Voor het beleid betekent dit dat het ziekteverzuim van het directiepersoneel de volgende jaren best extra opgevolgd wordt, om het ziekteverzuim wegens psychosociale redenen voor deze doelgroep ten minste te laten dalen tot het gemiddelde niveau.
Rapport Ziekteverzuim 2011 49
Omdat we vaststellen dat psychosociale aandoeningen de voornaamste oorzaak van ziekteverzuim blijven, verdient het aanbeveling dat schoolbesturen maximaal inzetten op preventie en een actief “presentiebeleid” voeren. Het is aangewezen dat de overheid dat actief ondersteunt, door samen met de sociale partners te werken aan een kader dat werkgevers toelaat om op een zorgzame manier om te gaan met hun medewerkers.
8. In 2011 werden 17.387 controles uitgevoerd door de controlefirma. Het merendeel, 47,98%, gebeurt op initiatief van Mensura zelf, op basis van criteria die zijn afgesproken met de opdrachtgever. Op initiatief van de werkgevers werd 31,12% van de controleaanvragen uitgevoerd. Daarnaast is er ook een stijgende trend in het aantal controles op initiatief van het personeelslid, nl. 19,79 %. Deze stijging is rechtstreeks gerelateerd aan de stijging van het aantal aanvragen voor verloven voor verminderde prestaties wegens ziekte (VVP-ziekte).
9. Vanaf1september2011werdhetverlofvoorverminderdeprestatieswegensziekte(VVP-ziekte) grondig hervormd. We stellen vast dat de mogelijkheid om deeltijds het werk te hervatten na een periode van ernstige en langdurige ziekte in 2011 meer ingang gevonden heeft in het Vlaamse onderwijs. We zien hierin een signaal dat steeds meer personeelsleden actief werk maken van re- integratie in het arbeidsproces en daarvoor gebruik maken van de mogelijkheid om tijdelijk deeltijds het werk te hervatten. Het is belangrijk dat in tijden van krapte op de arbeidsmarkt zoveel mogelijk personeelsleden bereid zijn hun competenties maximaal in te zetten voor hun onderwijsopdracht.
Het grootste aantal VVP-ziektedagen wordt opgenomen binnen de leeftijdsgroepen 46-55 jaar en 56-65 jaar. De meerderheid van de aanvragers zijn personeelsleden met psychosociale aandoeningen. De volgende jaren zal de evolutie van de gemiddelde periode van VVP-ziekte gemonitord worden. Ook zal opgevolgd worden in welke mate het aangepaste verlof voor verminderde prestaties wegens ziekte tegemoet komt aan de vooropgestelde doelstelling, namelijk het volledig hernemen van de opdracht die personeelsleden uitoefenden voor hun ziekteverlof.

Reacties uitgeschakeld voor Vlaamse regering heeft akkoord over hervorming secundair onderwijs

Vlaamse regering heeft akkoord over hervorming secundair onderwijs

Door | 4 juni 2013 | Nieuws

Vandaag om 23:04 door bvb | Bron: Belga

Minister-president Kris Peeters Foto: belga Vorige afbeelding 1 van 4 Volgende afbeelding
De Vlaamse regering heeft een akkoord bereikt over de hervorming van het secundair onderwijs.
De onderhandelingen tussen de coalitiepartners binnen de Vlaamse regering CD&V, SP.A en N-VA kwamen dinsdag in een stroomversnelling. Na een hele dag gesprekken met vertegenwoordigers van allerlei belangengroepen en druk politiek overleg kwamen de ministers van de Vlaamse regering rond 22 uur samenom het akkoord te bespreken en te bezegelen. rond 22.30 uur volgde dan de verlossende mededeling.

Volgens het akkoord komt er een brede eerste graad, waar de leerlingen vakken uit alle domeinen (wetenschap, techniek, cultuur, talen,…) krijgen om zo hun talenten te ontdekken. De tweede en derde graad aso, bso en tso maken plaats voor een organisatie op basis van domeinen. Scholen die richtingen binnen een domein aanbieden – de zogenaamde domeinscholen – worden aangemoedigd, maar het wordt niet opgelegd .

Het aantal studierichtingen dat aangeboden wordt, wordt drastisch gereduceerd, in nauw overleg met de arbeidsmarkt en het hoger onderwijs.

Woensdagmiddag geeft de regering meer details vrij, woensdagnamiddag volgt dan tekst en uitleg geeft in het Vlaams Parlement.

Reacties uitgeschakeld voor Sinardet: ‘N-VA blokkeert deels om electorale redenen’

Sinardet: ‘N-VA blokkeert deels om electorale redenen’

Door | 4 juni 2013 | Nieuws

De Standaard volgt het onderwijsdebat
Vandaag om 12:46 door bvb

Volgens Dave Sinardet, politicoloog aan de VUB, blokkeert de N-VA de grote hervorming van het Vlaamse onderwijs deels om electorale redenen. Maar de partij heeft ook inhoudelijke bezwaren. Dat zegt Sinardet in een interview met La Libre Belgique.
Volgens Sinardet gaat de Vlaamse regering op dit moment door de grootste crisis die ze al gekend heeft. Hij wil niet uitsluiten dat er een alternatieve meerderheid wordt gezocht. ‘Anderzijds zal de Vlaamse regering zonder compromis over het onderwijs ook niet meer kunnen functioneren. Daardoor is het debat over het onderwijs te fundamenteel voor N-VA en SP.A’, aldus Sinardet.

Dat de hervorming in de aanloop naar de verkiezingen van 2014 wordt behandeld, doet de zenuwachtigheid bij SP.A en N-VA toenemen. Volgens Sinardet beseft de N-VA dat de partij de voorbije jaren niet zo zwaar heeft gewogen op het beleid en wil men nu het imago van Kris Peeters als goede manager een deuk toebrengen.

‘Maar ook de SP.A heeft weinig projecten in de Vlaamse regering tot een goed einde gebracht en houdt daarom vast aan zijn standpunt’ aldus Sinardet.

De N-VA weet ook dat zelfs als de hervorming nu wordt goedgekeurd, het aan de volgende Vlaamse regering is om ze effectief uit te voeren. Op dat moment kan er nog flink aan de hervorming worden gesleuteld.

‘Het is ook ironisch dat de partij die op federaal niveau grote hervormingen vraagt en weigert in kleine stappen te hervormen, zo radicaal tegen een grote hervorming van het onderwijs is,’ aldus Sinardet nog.

Maar de N-VA heeft naast electorale ook inhoudelijke redenen om de hervorming tegen te houden. ‘De partij is er echt van overtuigd dat een hervorming de beste leerlingen zou benadelen en wil daarom niet weten van de afschaffing van het aso.’

Of CD&V en SP.A hun heil zullen zoeken in een wisselmeerderheid is verre van zeker. ‘Hoewel Groen al aangaf dat het die steun zou willen geven, zal een partij als Open VLD zeker en vast eigen accenten aan de hervorming willen toevoegen ,’ aldus Sinardet.

Bovendien wordt de N-VA op dat moment opnieuw in haar favoriete rol gemanoeuvreerd: die van een-tegen-allen. Sinardet stipt ook aan dat niemand had verwacht dat de onderwijshervorming voor zo’n crisis zou zorgen. ‘In het begin was er binnen de politiek unanimiteit over het dossier en was de onderwijswereld verdeeld, nu is het echter omgekeerd: de onderwijswereld is voorstander en de politiek ruziet.’

‘De onderwijshervorming stond nochtans in het regeerakkoord in 2009, maar op dat moment was de N-VA niet zo gëinteresseerd in dat thema’, besluit Sinardet.

Reacties uitgeschakeld voor Katholiek onderwijs wil niet langer wachten

Katholiek onderwijs wil niet langer wachten

Door | 4 juni 2013 | Nieuws

TOPVROUW KATHOLIEK ONDERWIJS MIEKE VAN HECKE WIL NIET LANGER WACHTEN OP DE POLITIEK
‘Akkoord of geen akkoord, wij gaan zeker hervormen’
zondag 02 juni 2013, 03u00Auteur: Werner Rommers

Als de Vlaamse regering geen akkoord vindt over de onderwijshervorming, zet het Katholiek Onderwijs zélf die hervorming in gang. Dat zegt topvrouw Mieke Van Hecke, die de N-VA verwijt dat ze ‘de woordvoerder van de schrik in de leraarskamer’ is.
Het geduld in de onderwijswereld geraakt op, zo liet de topvrouw van het Katholiek Onderwijs Mieke Van Hecke gisterochtend op Radio 1 duidelijk verstaan. Voor haar is het nu al een uitgemaakte zaak dat het Katholiek Onderwijs de geplande hervormingen doorzet, ook al komt de politiek hierover niet tot een akkoord. ‘We zullen dan zelf een aantal stappen zetten, met als doel een aantal belangrijke knelpunten in ons onderwijs weg te werken’, aldus Van Hecke.

Watervalsysteem

Ze heeft het dan onder andere over het ‘watervalsysteem’, waarbij leerlingen proberen te starten in het ASO, maar al snel moeten afzakken naar TSO, waardoor kostbare tijd verloren gaat. Een aantal secundaire scholen experimenteert trouwens nu al met die nieuwe manier van werken, waarbij er in de eerste graad van het secundair onderwijs geen schotten meer staan tussen ASO, TSO en BSO.

Van Hecke beseft dat het op eigen houtje niet evident wordt, vermits er zonder politiek akkoord ook geen financiële stimulansen zullen zijn om het onderwijs op een nieuwe manier te organiseren. ‘Maar de knelpunten waarmee we geconfronteerd worden, verdienen antwoorden’, klinkt het fors.

Dat het vooral N-VA is die de boel blokkeert, is ook Van Hecke niet ontgaan.

Reacties uitgeschakeld voor Onderwijs: wel breed draagvlak voor hervormingen

Onderwijs: wel breed draagvlak voor hervormingen

Door | 4 juni 2013 | Nieuws

3/06/2013 Persbericht – Het Vlaams ABVV betreurt de negatieve sfeermakerij over de hervormingsplannen voor het secundair onderwijs als zou er hierover geen enkel maatschappelijk draagvlak bestaan.

Zo’n draagvlak is er wel degelijk, zoals blijkt uit de adviezen die de SERV en de VLOR eerder formuleerden. Bovendien is zo’n hervorming ook maatschappelijk absoluut noodzakelijk, gelet op de grote jeugdwerkloosheid.

Dat een onderwijshervorming niet over één nacht ijs kan gaan, is vanzelfsprekend. Maar we willen er toch wel even aan herinneren dat over de oriëntatienota van Pascal Smet ook de sociale partners én de onderwijssector zelf zich eerder genuanceerd positief hebben uitgesproken.

Positief SERV-advies

De Vlaamse werkgevers- en werknemersorganisaties formuleerden op 19 januari 2011 een gemeenschappelijk SERV-advies over de oriëntatienota ‘Mensen doen schitteren’ van onderwijsminister Pascal Smet.

Daarin onderschreven de SERV-partners de doelstellingen en keuzes van de nota. “De Oriëntatienota is een goed werkdocument, een basis voor de hervorming van het secundair onderwijs. Deze hervorming vraagt draagvlak en overleg maar mag niet uitmonden in een louter intellectueel debat. De huidige knelpunten in het secundair onderwijs worden correct geschetst en vragen een oplossing,” luidt het SERV-advies.

Het SERV-advies spreekt zich ook positief uit over de voorgestelde opwaardering van beroeps- en technisch onderwijs: “Het laten vallen van de opdeling ASO, TSO en BSO, het uitstellen van de studiekeuze, de nadruk op meer gemeenschappelijkheid van leerinhouden in de verschillende sporen, het spreken in termen van belangstellingsgebieden en domeinen en het meer oog hebben voor algemene ‘skills’ zijn alvast positief en zouden BSO en TSO uit de schaduw van ASO kunnen halen.”

Positief VLOR-advies

Ook de Vlaamse onderwijsraad (VLOR), waarin naast de sociale partners ook de onderwijssector zelf vertegenwoordigd is (via de koepels, netten, directeurs, onderwijsbonden, ouderverenigingen, …) formuleerde op 10 februari 2011 een breed gedragen advies.

Hoewel de VLOR meer betrokkenheid vraagt, ziet ze in de nota toch “voldoende en juiste argumenten voor een hervorming”: “Ondanks enkele nuanceringen deelt de Vlor in grote lijnen de analyse van de minister. Hij wil, net als de minister, ambitieus zijn en creatief meedenken over een noodzakelijke hervorming van het secundair onderwijs.”

En: “Er is een draagvlak voor een brede eerste graad omdat die zal bijdragen tot een zachte overgang van het basisonderwijs naar het secundair onderwijs,” aldus het Vlor-advies.

Toekomst voor iedereen?

Er is wel degelijk een ruim maatschappelijk draagvlak voor de doelstellingen van deze hervormingen. Noch de SERV noch de Vlor schoten de oriëntatienota af, maar beschouwden ze integendeel als een goede basis voor een conceptnota waarmee ruimer kon geconsulteerd worden.

Het Vlaams ABVV betreurt dat alle pogingen om die consultatie verder te voeren met alle stakeholders vanuit politieke hoek echter stokken in de wielen werden gestoken. Want terwijl 1 op 7 jongeren de school verlaat zonder diploma (in steden als Antwerpen zelfs 1 op 4) is dat hoognodig voor wie in een toekomst gelooft voor iedereen.

Reacties uitgeschakeld voor Monard vindt dat politiek zijn geesteskind mismeestert

Monard vindt dat politiek zijn geesteskind mismeestert

Door | 4 juni 2013 | Nieuws

De Standaard, 4 juni 2013 06:30 door Van onze redacteur Maarten Goethals

Georges Monard, de architect van de onderwijshervorming, roept de N-VA op niet langer te ‘argumenteren met karikaturen’. Dat zegt hij in een interview met De Standaard.
Georges Monard, de architect van de grote hervorming van het secundair onderwijs, kijkt met lede ogen naar de afhandeling ervan. Hij vindt dat de politiek zijn geesteskind mismeestert.

‘De discussie gaat niet langer om de toekomst van de kinderen, maar dient louter nog politieke en electorale doeleinden. Zonder meer een spijtige zaak.’

Monard roept de Vlaamse regering op haar verantwoordelijkheid te nemen. Al richt hij zijn noodkreet specifiek richting N-VA ‘die moet stoppen te argumenteren in karikaturen’. ‘In mijn plannen pleit ik nergens om de sterke opleidingen af te schaffen. Integendeel. Ik wil het algemeen secundair onderwijs net versterken. Door bijvoorbeeld meer aandacht te vragen voor wetenschap en techniek in het curriculum,’ aldus Monard.

Monard betreurt ook het politieke schouwspel van de afgelopen dagen. ‘De discussie binnen de regering gaat niet langer over de kinderen en hun toekomst, maar dient louter politieke en electorale belangen. Ik zie dat met lede ogen aan. Want de hervorming kan nochtans rekenen op een brede steun.’

Reacties uitgeschakeld voor Waarom een hervorming secundair onderwijs?

Waarom een hervorming secundair onderwijs?

Door | 4 juni 2013 | Nieuws

maandag 03 juni 2013 – site: Sp.a

We merken dat er nog veel vragen zijn over de hervorming van het secundair onderwijs die op stapel staat. sp.a is ervan overtuigd dat die hervorming absoluut noodzakelijk is. Om ervoor te zorgen dat elk talent maximaal tot zijn recht komt, om te garanderen dat ons onderwijs aan de Europese top blijft. We hebben de voornaamste vragen opgelijst.

Hierbij onze antwoorden.

1. Waarom is deze hervorming nodig? Doet ons onderwijs het dan niet goed?

Kinderen moeten op 12 jaar een studiekeuze maken die hun verdere schoolloopbaan vaak al in een definitieve plooi legt. Dat is voor veel leerlingen te vroeg om een gemotiveerde keuze te maken die het best aansluit bij hun talenten en interesses. Foute keuzes zorgen ervoor dat één op acht jongeren ons onderwijs verlaat zonder diploma. Een massale verspilling van talent die onze samenleving zich niet kan permitteren.

Ons onderwijs is hiërarchisch georganiseerd. Hoewel onze economie smeekt om bijvoorbeeld technisch geschoold personeel beschouwt onze maatschappij technische richtingen nog altijd als tweede keuze. We moeten zorgen dat alle richtingen evenwaardig worden, of ze jongeren nu voorbereiden op verder studeren of te gaan werken. Alleen eersteklasse-onderwijs. Elk kind moet de kans krijgen om zijn talenten te ontdekken en maximaal te ontwikkelen. Elk talent is nodig voor onze toekomstige welvaart.

Ons onderwijs hoort bij de Europese top, maar er rinkelen een paar alarmbellen. Op internationale vergelijkende tests gaan onze leerlingen achteruit, terwijl landen die hun onderwijs hervormen beter scoren. Als we onze koppositie willen houden, moeten we nu hervormen.

2. Wat houdt die hervorming in?

We zorgen voor een zachte overgang van het basisonderwijs naar het secundair. We dwingen jongeren niet langer om al op 12 jaar een onherroepelijke studiekeuze te maken. We maken een brede eerste graad waarin kinderen kennis maken met een bijzonder breed pakket aan vakken –met onder andere economie, cultuur en techniek – naast de vakken die kinderen nu al krijgen op school. Dat pakket wordt aangevuld met vorming op maat: wie ergens heel erg goed in is, kan zich daar verder in bekwamen en wie nood heeft aan extra begeleiding, krijgt ondersteuning. Wiskundeknobbels kunnen extra uren wiskunde volgen, technische knobbels kunnen zich extra bekwamen in techniek. Twee jaar later, op 14 jaar, kunnen de jongeren dan een keuze maken die het best aansluit op hun talent en hun interesse.

3. Zal mijn kind nog Latijn kunnen volgen?

Absoluut. Scholen zullen vanaf 12 jaar Latijn aanbieden. Leerlingen die graag Latijn leren, kunnen dat opnemen in hun keuzepakket.

4. Zal het ASO nog blijven bestaan?

De richtingen die vandaag worden aangeboden in het ASO blijven gewoon bestaan, we verrijken en actualiseren ze alleen. Richtingen bereiden ofwel voor op verder studeren, ofwel op werken. De richtingen die vandaag worden aangeboden in het ASO blijven de leerlingen voorbereiden op verdere studies, zoals dat nu het geval is.

5. Wat gebeurt er met TSO, BSO en KSO?

De tussenschotten tussen ASO aan de ene kant en TSO, BSO en KSO aan de andere kant werken stigmatiserend en brengen onterecht een hiërarchie in ons onderwijs. Teveel jongeren kiezen voor het ASO terwijl ze andere talenten hebben. TSO, BSO en KSO blijven voor velen de lelijke eendjes en zijn te vaak een negatieve keuze geworden. Een keuze op basis van waar een kind niét goed in is, een traject dat vreet aan het zelfvertrouwen van kinderen.

6. Gaan alle kinderen nu samen in de klas zitten?

Neen, dat niet. Maar scholen zullen zich in de toekomst vaker organiseren volgens studiedomeinen: techniek en wetenschap, taal en cultuur, economie en organisatie,… Verschillende studierichtingen worden in elk domein aangeboden, van theoretische naar praktische richtingen en omgekeerd. Kinderen kunnen in tegenstelling tot vandaag vlot schakelen van de ene naar de andere richting, binnen hetzelfde domein.

7. Gaan de sterkere leerlingen nu met hun vingers zitten draaien?

Nee, we dagen hen net nog meer uit. We leggen de lat hoger voor iedereen. Extra stof om zij die het aankunnen uit te dagen, extra begeleiding om zij die het nodig hebben een duwtje in de rug te geven. Elke school garandeert beide.

8. Zal mijn kind nu gemakkelijker een job vinden?

De studierichtingen die jongeren voorbereiden op de arbeidsmarkt doen dat vandaag onvoldoende. Die moeten aangepast worden aan de realiteit van vandaag om de leerlingen echte kansen te geven op een goede job. Onze arbeidsmarkt smeekt om technisch geschoold personeel, tegelijkertijd zitten heel wat jongeren zonder werk. Door het aantal studierichtingen drastisch te verminderen, kunnen we de opleidingen die jongeren echt voorbereiden op een job of op verdere studies fors versterken. Zo komen de jongeren beter gewapend op de arbeidsmarkt.

9. Wat met ongeruste leerkrachten?

Het is normaal dat leerkrachten ongerust zijn als ze niet weten wat op hen afkomt. Daarom is het nodig om snel te beslissen, om hen duidelijke en juiste informatie over het einddoel van de hervorming te kunnen geven. De leerkrachten worden nauw betrokken bij het in de praktijk brengen van de hervorming.

10. Wordt nu alles anders op 1 september?

We voeren de onderwijshervorming stap voor stap uit, samen met de scholen en de leerkrachten. Het is een werk van lange adem, maar we hebben geen tijd meer te verliezen. In 2020 moet de eerste leerling in het hervormde secundair onderwijs afstuderen.

11. Bestaat dit systeem al? En werkt het?

In Vlaanderen organiseren sommige scholen zich al op deze manier. Het Leonardo Lyceum in Antwerpen, het Sint-Claracollege in Arendonk, de scholengemeenschap Harlindis-Relindis in Maaseik, de scholengroep Sint-Rembert in Torhout,… werken op deze manier en kunnen mooie resultaten voorleggen.

In het buitenland zijn landen als Canada en Finland inspirerende voorbeelden voor onze onderwijshervorming.

12. Hebben we geen lessen getrokken uit de VSO-hervorming?

We hebben geleerd uit de mislukking van het VSO. Die hervorming was te vrijblijvend, ze had meer weg van een experiment. Een hervorming moet over het hele secundair onderwijs gaan, en niet alleen focussen op bepaalde richtingen of domeinen. De onderwijshervorming die we nu willen doorvoeren, is weldoordacht en heeft een breed draagvlak.

13. Wie vraagt om deze hervorming?

sp.a is ervan overtuigd dat iedereen beter wordt van deze hervorming, dat ze elk talent maximaal tot zijn recht laat komen. De onderwijskoepels vinden een hervorming een noodzaak. Het Vrij Onderwijs organiseerde bijvoorbeeld een studiedag met 1.100 leerkrachten, waarvan na afloop 93 procent zich positief uitsprak over de hervorming. Ook de Vlaamse Scholierenkoepel, de spreekbuis van de leerlingen, schaart zich achter de hervorming. De SERV, met daarin de Vlaamse werkgevers- en werknemersorganisaties , en de Vlaamse Onderwijsraad (VLOR) formuleerden een positief advies. En ondernemerskoepel VOKA dringt vandaag nog aan op het belang van een hervorming voor de arbeidsmarkt van morgen.

Reacties uitgeschakeld voor De onderwijshervorming toegelicht.

De onderwijshervorming toegelicht.

Door | 3 juni 2013 | Nieuws

De Redactie – ma 03/06/2013 – 12:51 Rik Arnoudt
De hervormingsplannen voor het secundair onderwijs van Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet (SP.A) zitten in het oog van een politieke storm. Waarom zijn die hervormingen eigenlijk nodig en wat moet er zo nodig veranderen? Bij gebrek aan een politiek akkoord is dat nog niet helemaal duidelijk, maar de hoofdlijnen zijn wel al bekend.

Het onderwijs in Vlaanderen is zeker niet slecht, maar het kan beter. Zo gaan de schoolprestaties jaar na jaar achteruit en wordt de kloof tussen zij die goed presteren en zijn die het niet zo goed doen alsmaar groter. Bovendien heeft zowat een tiende van de schoolverlaters geen diploma, een drama in tijden waarin de eisen op de arbeidsmarkt alsmaar hoger worden. Dan zijn er ook nog problemen als schoolmoeheid, het feit dat een keuze voor een technische richting vaak een negatieve keuze is en een tekort aan eigentijdse vakken zoals economie en techniek.

Belga
Daarom opteert Smet voor een bredere eerste graad in het secundair onderwijs, tijdens de eerste twee leerjaren. Daarvoor moeten de schotten tussen algemeen secundair onderwijs (aso), technisch secundair (tso), beroepsonderwijs (bso) en kunstonderwijs (kso) worden weggehaald.

“Ik begrijp de vrees voor nivellering in de hervorming van het secundair onderwijs. Maar als we nu geen grondige aanpassingen doen, dan zijn we binnen tien jaar geen wereldtop meer. Ik wil een hervorming die álle kinderen sterker maakt, zowel de zwakke als de sterke”, zei Smet daarover tegen het tijdschrift Klasse. Alle leerlingen op hun eigen niveau uitdagen en prikkelen: dat is de boodschap.

De “sterkere” leerlingen kunnen bijvoorbeeld worden geprikkeld via zogenoemde differentiatiepakketten, met keuzevakken zoals Latijn bijvoorbeeld. Het niveau van de “zwakkeren” kan dan worden opgetrokken via bijlessen zodat ook zij de eindtermen halen. Het verhaal is dus heel wat genuanceerder dan het botweg afschaffen van het aso.

Het gaat over kiezen
De juiste leerling op de juiste plaats krijgen en zo de kwaliteit van het secundair onderwijs verhogen: dat is het doel. In het huidige systeem zitten al te vaak leerlingen in het aso die daar eigenlijk niet thuishoren en die na enkele jaren noodgedwongen moeten “afdalen” naar bijvoorbeeld een technische richting: een voorbeeld van het zogenoemde watervalsysteem, dat kan leiden tot schoolmoeheid.

Door anders te ordenen is het de bedoeling om leerlingen met het juiste profiel in een studierichting te krijgen, en dat moet dan ook leiden tot betere studieresultaten, een betere doorstroming naar de arbeidsmarkt of naar het hoger onderwijs. Door leerlingen in de eerste graad van meer vakken te laten proeven, zouden ze ook beter in staat moeten zijn om voor de tweede en derde graad juiste keuzes te maken.

Smet wil de hervormingen stapsgewijs invoeren in het hele secundair onderwijs, met een passende begeleiding en in overleg. Het masterplan waarover de Vlaamse meerderheidspartijen nu nog onderhandelen, moet leiden tot duidelijke afspraken over het einddoel van de hervormingen. Concrete uitvoeringsmaatregelen zullen in de loop van de komende jaren volgen, maar Smet wil nu al een aantal fundamentele dingen op de rails zetten.

Reacties uitgeschakeld voor Wordt ons onderwijs beter met de hervorming van het ASO?

Wordt ons onderwijs beter met de hervorming van het ASO?

Door | 3 juni 2013 | Nieuws

VRT zo 02/06/2013 – 16:29 Louis Van Dievel
De hervorming van het middelbaar onderwijs is een van de grote projecten van de Vlaamse regering, maar brengt Peeters II nu in grote moeilijkheden. Er zijn fundamentele meningsverschillen tussen de coalitiepartners.
Het uitgangspunt is dat leerlingen te snel moeten kiezen welke richting ze in het middelbaar onderwijs willen kiezen: algemeen secundair, technisch of beroeps. Een gevolg van die vroege keuze is de beruchte waterval. leerlingen starten in het ASO, en als het niet lukt zakken ze af naar het TSO of naar het BSO. Daardoor hebben die laatste richtingen een slechte naam gekregen.

Het voorstel van minister van Onderwijs Smet (sp.a) is nu om die keuze uit te stellen, en alle leerlingen een brede eerste graad te laten volgen, en ze pas op veertien jaar voor een definitieve keuze (ASO, TSO, BSO) te stellen. Wel zouden er al “aparte lessen” zijn: “verdiepende” voor sterke leerlingen en “herstellessen” voor zwakkere leerlingen. Er zou in de brede eerste graad meer aandacht komen voor techniek en wetenschap. Er wordt ook voorgesteld om een taalproef te organiseren tussen lager en middelbaar onderwijs.